Column

Maanlicht

Ruth Lasters
Ruth Lasters werkt als leerkracht Frans in Borgerhout. Van haar verschenen de romans Poolijs en Feestelijk Zweet.

Ludwig Hertz neemt het onderscheid tussen werktijd en vrije tijd nogal letterlijk op. Vrije tijd betekent voor hem: op de bank zitten kijken naar het wereldsnookertornooi of naar een blauwbaarsjesgevecht in zijn aquarium.

Pure nietsdoenerij, die alleen mogelijk is door tijdens zijn werkuren ál zijn taken te vervullen: zijn opdrachten voor het bedrijf, het regelen van gezinsaangelegenheden zoals het verzamelen van kortingsbonnen, én het uitvoeren van zijn bijberoep.

Als ICT-expert van firma Traxs, stelt Ludwig zijn kunde ook graag ten dienste van particulieren met vastgelopen pc’s, waaronder vele van zijn collega’s. Hij kan er ook niet aan doen dat hij met zoveel menslievendheid geboren is, zegt hij soms, terwijl hij de zoveelste defecte computer in ontvangst neemt. Zijn kantoor telt bijna evenveel beeldschermen en opengevezen processors als het rommelkot op de eerste etage, dat vol stokoude exemplaren staat, klaar voor het stort.

Tal van vertrouwelijke gegevens komt Ludwig te weten als pc-dokter. Zo blijkt Mira van de verkoop een kale minnaar te hebben - de foto’s op haar harde schijf liegen er niet om. Boekhouder Patrick krijgt om de haverklap hondjes-e-cards van zijn moeder en een zekere Ward - vast iemand van een andere verdieping - surft graag naar sites vol obese dames, met niets dan witte kniekousen aan.

Als een intiem en ongeoorloofd bezoek, ervaart Ludwig elke reparatie. Hij zucht dan ook als hij ze moet onderbreken voor een firma-softwareprobleem, een opdracht voor zijn zogezegde hoofdberoep. Financieel gezien is zijn clandestiene job immers zijn hoofdbaan geworden.

Hij schrikt als er een doorstreepte maansikkel op zijn deur en koffiemok blijkt getekend. Van ‘moonlighting’ betichten zijn collega’s hem plots, het stelen van het maanlicht of de werktijd van de baas, voor eigen doeleinden. Terwijl hij zich net uitslooft voor hen, onwetende pc-primaten. Inderdaad, hij voert herstellingen uit voor eigen rekening, maar vergroten deze niet zijn nuttige expertise? Waar anderen peperdure nascholingen volgen, verzorgt hij zijn professionalisering tenminste zelf en dus ‘bespaart’ hij de firma eigenlijk geld en tijd, nietwaar? Man, man, ‘moonlighting’, waar halen ze het toch.

Als er ook in zijn autoportier een sikkel is gekrast, schrijft Ludwig Hertz uit weerwraak alle gênante pc-vertrouwelijkheden van collega’s op het advalvasbord. Ward Coppens, de dikke-dames-kniekousen-fetisjist, blijkt de echtgenoot van zijn bazin te zijn, die haar stukke laptop aan hem had bezorgd, om deze in ‘zijn vrije tijd’ te herformatteren. Zij schreeuwt als een hyena als zij zijn kantoor binnenstormt, waarna zij een stokoude computer voor hem neerzet, zo’n model klaar voor het stort, afkomstig uit het rommelkot. Na haar komen tal van andere vernederde zielen binnen, eveneens met zo’n onherstelbaar onding. Rond sluitingstijd is zijn kantoor op het gelijkvloers een torenhoog computerkerkhof, ondoorkruisbaar, met het zwarte, maanloze raam als nog enige, wel te overwegen uitweg.

(rl) 

21/03/2012

  • 21 maart 2012