In 10 jaar 'binnen zijn': het kan!

Frank Van Rycke
“De ene dag ben je euforisch, de andere dag loop je te vloeken" (Frank Van Rycke)

‘Binnen zijn’ in een klein decennium tijd, het klinkt te mooi om waar te zijn. Toch is dat wat Frank Van Rycke deed. Met het toepasselijk getitelde adviesboek ‘In 10 jaar binnen’ toont hij de lezer hoe ook hij daarin kan slagen. De nieuwsgierigheid won het van de scepsis: een interview.

‘Bestaat er een definitie van ‘binnen zijn’? Daar moet iedereen voor zichzelf diep over nadenken voor hij of zij eraan begint. Voor mij is binnen zijn: kunnen doen wat je wilt, wanneer je wilt, met wie je wilt, los van financiële bezorgdheid. Al naargelang het vooruitzicht dat je koestert, zul je dus moeten zorgen voor een grotere of kleinere geldreserve. Het draait om het gevoel van beslissingsvrijheid dat je daaruit puurt.’

Je bent nu 42 jaar. Dus ergens rond je 33e heb je besloten: over 10 jaar ben ik binnen. En dat is je gelukt?

‘Het is net iets complexer. Terwijl het boek persklaar werd gemaakt, heb ik ontdekt dat ik eigenlijk al enkele jaren binnen was, zonder het zelf te beseffen. Ik heb enkele beleggingen in onroerend goed gedaan. Tot een tijd geleden wist ik niet dat je leningen kunt herfinancieren. Een vriend die ook in vastgoed belegde, heeft me daarop gewezen. Door te profiteren van de lagere rentevoet en de looptijd te verlengen, liggen de huurinkomsten veel hoger dan de terug te betalen bedragen. Het verschil tussen beide dekt de vaste kosten. Dat had ik jaren geleden dus al kunnen doen, en dan was ik vier jaar geleden binnen geweest. Nu besefte ik dat niet. Je ziet, je leert nog steeds bij.’

Je was enkele jaren in dienst van een Luxemburgse bank, maar zette nadien de stap naar een zelfstandig statuut. Kan je dit tienjarenplan ten uitvoer brengen zonder zelfstandige te worden?

‘Het gaat om de mentaliteit, niet om het statuut. Het boek omvat een hoofdstuk over fiscaliteit, maar het belangrijkst is een ondernemende ingesteldheid. Toen ik mijn plan opvatte, was ik zelf ook werknemer. En na mijn uren was ‘ondernemen’ mijn hobby; vastgoed was mijn strategie om een reserve op te bouwen, dus ging ik op zoek naar panden om in te investeren, hield me bezig met de verhuur ervan. Maar dat wil niet zeggen dat je er na je dagtaak per se een eigen bedrijfje op na dient te houden. Al kom je wel op een moment waarop je moet kiezen voor de efficiëntste juridische structuur.’

In hoeverre is dit een universeel boek, en niet het succesverhaal van één man die erin geslaagd is om binnen de deadline ‘binnen’ te zijn?

‘De meeste succesrecepten in het boek heb ik van anderen geleerd, die in totaal andere sectoren succes boekten. Ik gebruik wel bewust een autobiografische stijl om het voor de lezer aantrekkelijk te presenteren en hem te inspireren.

Geluk speelt zeker een rol. Je moet ervan uitgaan dat je, zelfs bij zakelijk succes, vroeg of laat op een tegenslag botst. Al ben ik ervan overtuigd dat de factor ‘geluk’ geen kwestie van toeval meer is zodra je een bepaalde manier van werken consequent toepast. Je komt terecht in een flow waarin opportuniteiten zich voordoen en jij in staat bent die aan te grijpen. Maar ook mijn tegenslagen vinden een weg naar het boek.

Ik heb spijtig genoeg een echtscheiding achter de rug. Ook het verhaal van mijn eerste beleggingen verwerk ik in het boek. Ik belegde in aandelenopties van een Nederlandse grootbank. Enkele weken lang ging dat zaakje erg hard. Dus dat kunstje wilde ik herhalen. Een maand later waren dezelfde opties echter niets meer waard. Je kunt iedere dag setbacks tegenkomen, vast en zeker. Beschouw elke tegenslag als een kans om iets bij te leren. En gebruik die ervaring als hefboom om het volgende keer beter te doen. Probeer te leren van wat succesvolle mensen in je omgeving doen. Zo is het voor mij ooit ook begonnen: een kennis van me investeerde met succes in vastgoed, dus wilde ik dat ook proberen.’

Is die kennis intussen binnen?

‘Ik zou denken van wel, en anders is hij het binnen vijf jaar.’

Zijn er jobs waarin je het uit je hoofd moet zetten dat je ooit in 10 jaar binnen raakt?

‘Sommige jobs creëren nu eenmaal minder toegevoegde waarde. Als je een dergelijke baan niet combineert met een andere activiteit, is het moeilijk om in tien jaar binnen te zijn. Wat ik bepleit, is dat je twee bezigheden een tijdlang combineert: een job die je een inkomen bezorgt, en een activiteit, een onderneming die je te gelde kunt maken om je plan ten uitvoer te brengen. Wat dat verder ook moge zijn: de lezer moet vooral voor zichzelf uitmaken waar hij goed in is, waarin hij ervaring heeft en waarover hij voldoende kennis bezit. Vervolgens moet je nagaan waar je naasten ervaring hebben. Op basis van die expertise kun je dan de concurrentie met anderen aangaan, en een voorsprong nemen.

Na verloop van tijd kun je je misschien aan de overname van een concurrent wagen. Maar dat is eerder iets voor de latere fase van je tienjarenplan. In de eerste jaren is het een kwestie van spaarzaam zijn. Niet je inkomsten, maar je uitgaven bepalen hoelang je erover doet. Je uitgaven onder controle houden, het klinkt weinig spectaculair, maar daar begint het mee. Hoe spaarzamer je bent, hoe meer je opzij kunt zetten.Wanneer je dan aan een nevenactiviteit begint: klein beginnen, niet te veel risico’s nemen, testen of het werkt. Je moet hopen op het beste, maar voorbereid zijn op het slechtste.’

Om binnen te zijn, heb je nood aan een kapitaal dat min of meer onaangetast moet blijven om levenslang een inkomen te garanderen. Bestaan er strategieën om kapitaal bestand te maken tegen bankencrises en zware inflatie?

‘Je kunt nooit garanderen dat je geld tot lengte van dagen veilig is, want je kunt niet voorspellen wat de economie, de banken en de euro in de komende decennia gaan doen. Daar val ik terug op algemene beleggingsprincipes: zorg ervoor dat je geld niet in één product of formule vastzit.’

Jij bouwde je fortuin op tijdens een decennium, de grote inspanning was geleverd voordat de crisis losbarstte.

‘Zelfs in volle crisis zijn er opportuniteiten te vinden. Zonder hier nu een vastgoedverhaal van te willen maken; op dit moment zijn er, mits de nodige handigheid bij het onderhandelen, echt wel zaken te doen in de vastgoedsector. Eigenlijk, nu ik erover nadenk, zijn er in deze periode meer dan ooit goede zaken te doen, ongeacht de sector. Gisteren nog vertelde en vriend me nog over een opportuniteit in de IT-branche.’

Je raadt je lezers aan om zoveel mogelijk te sparen. Dat is een zekere onderneming, maar veel brengt het toch niet meer op?

‘Mijn ouders hebben de tijd meegemaakt waarin een spaarboekje 10 of 12 percent opbracht, maar die rendementen waren ook inflatiegerelateerd; dat geld bracht dus minder op dan je zou denken. De spaarrekening is niet het middel waardoor je in tien jaar binnen zult zijn. Of je nu 2 percent rendement haalt, of 4 of 6, je kunt de inflatie nooit kloppen. Tenzij je onwijs spaarzaam bent.’

Je stelt voor een spaarinspanning te doen tussen 25 en 40 jaar. Is dat realistisch? Het zijn voor veel mensen de jaren waarin ze een gezin stichten, een huis kopen, studerende kinderen hebben. Kun je dan wel geld opzij zetten dat je nooit aanraakt?

‘Het is een kwestie van motivatie: wil je per se op tien jaar binnen zijn of niet? In mijn perceptie is dat mogelijk. Maar het is soms hard werken. Het is niet zonder slag of stoot gegaan. Ik zou mensen aanraden om met twee banken te werken. Bij de ene bank bouwen ze hun oorlogskas op, bij de andere doen ze hun dagelijkse verrichtingen. Op cruciale momenten kun je die twee trouwens tegen elkaar uitspelen. En help jezelf: noteer wat je spendeert, probeer de kleine uitgaven te drukken. Zodra je je uitgaven systematisch bijhoudt, ga je bewuster met geld om en begin je vanzelf te besparen.’

Het kan blijkbaar geen kwaad om het vocabulaire van het geld te kennen.

‘Je kunt niet van alles ontwikkelingen op de hoogte zijn; dat geldt voor de financiële wereld even goed als voor andere sectoren. Zelf ken ik ook niet alle details van het financiële: ik ben jurist van opleiding, geen econoom. Maar zorg er alsjeblieft voor dat je begrijpt wat er gebeurt, zodat je mee kunt denken.’

Je giet ook het - paniekerige? - gedrag van de kleine belegger in een grafiek vol ups en downs?

‘Een amusante grafiek, maar wel gebaseerd op feiten. Koester alsjeblieft niet de illusie dat je rijk kunt worden door te beleggen op de beurs. Ik moet alleszins de eerste mens nog tegenkomen die daarin geslaagd is. Wie binnen is, probeert wel zaken te doen op de beurs, met het oog op diversificatie. Als de belegging dan toch tegenzit, heeft het geen noemenswaardige impact op het vermogen. Of hij kan opteren voor een langetermijninvestering. Maar als je erin zou slagen om exclusief via beursbeleggingen binnen te raken: hoedje af!

Verhalen over astronomische winst zetten mensen aan het dromen, tot op het punt waarop ze zich schuldig gaan voelen omdat ze hun spaargeld niet ‘aan het werk zetten’. Elk jaar een bedrag in een gediversifieerde aandelenportefeuille beleggen, kan wél een goed middel zijn om je kapitaal uit te breiden. Maar dan hebben we het wel over langetermijnbeleggingen. Geduld is een mooie gave. Op 10 jaar tijd is het risico wat te groot.’

Je spreekt ook pittige taal over de fiscus: ‘De belastingen houden een mens een leven lang arm’ klinkt het onomwonden.

‘Zo ervaar ik dat, ja. En ik kan vergelijken, omdat ik in Luxemburg gewoond en gewerkt heb. Ik stel enkel vast dat de helft van mijn loon in België werd afgeroomd door de staat. Maar evenzeer biedt de fiscale wetgeving middelen om die belastingvoet te verlagen. Dergelijke optimalisatie is eveneens een piste om je doel te bereiken. Zeker als je een klein kapitaal hebt, kan dat een groot verschil maken.’

Je raadt de lezer aan om zijn strategie te plannen tijdens een weekend in afzondering?

‘Ik wil de mensen niet het idee geven dat ze een decennium lang als een monnik moeten leven, willen ze erin slagen om in 10 jaar binnen te zijn. Door de start van het project te kaderen in een werkweekendje weg van huis, neem je die indruk al wat weg. Al geef ik toe dat twee dagen rekenen niet bepaald romantisch klinkt. Het is hard werken, het is blijven leren, vallen en opstaan. De ene dag ben je euforisch, de andere dag loop je te vloeken. Ik ben ervan overtuigd dat iedereen zich financieel kan verbeteren met dit boek. Sommige mensen gaan hierdoor opportuniteiten vinden die ze tevoren niet zagen. Bovendien is België een vermogend land: goed mogelijk dat een aantal lezers, wanneer ze de rekensom maken, merken dat ze eigenlijk al goed op weg zijn.’

(ml) - Foto: (ip) 

Meer info over Persoonlijke ontwikkeling

06/07/2012