Op ronde met het Wit-Gele Kruis

Elf jaar al steekt thuisverpleegster Isabelle De Bruyne (34) in groot-Aalst haar handen uit de mouwen voor het Wit-Gele Kruis Oost-Vlaanderen. "Alleen al in deze provincie zijn we elke dag met zevenhonderd de baan op. En dan komen we nog handen te kort."

'Ik verlies de klok nooit uit het oog'

Na haar studies verpleegkunde kon Isabelle meteen aan de slag bij het Wit-Gele Kruis. "In het derde jaar van mijn opleiding was er een verplichte stage in de thuisverpleegkunde. 'Dit is het', dacht ik onmiddellijk. Je bent vrij, kan van thuis vertrekken en de patiënten zijn rustiger omdat ze in hun eigen omgeving zijn." Vrijheid, rustig, graag doen ... Klinkt niet echt als werkdruk ... "Tot je het aantal patiënten telt", reageert Isabelle. "Dat zijn er toch zo'n dertig per dag." Bijna vier per uur dus, verplaatsingen inbegrepen.

"Vroeger was het alleszins rustiger", zegt Isabelle. "Niet dat het aantal patiënten nu verdubbeld is maar ik leg per dag wel veel meer bezoeken af." En dat zorgt voor stress, al laat ze haar patiënten daar niets van merken. "Als ik bij hen ben, doe ik mijn werk zo goed mogelijk. Maar ik verlies de klok nooit uit het oog."

'Door de druk stijgt het gevaar op fouten'

Isabelle is contactverpleegster wat betekent dat ze geen vaste patiëntenlijst heeft. Dat zorgt voor variatie maar vraagt wel meer voorbereidingswerk. Duikt ze dan 's avonds misschien nog even in haar adresboekje om haar ronde voor te bereiden? "Nu doe ik dat niet meer, maar vroeger durfde ik de avond voordien mijn toer al wel eens 'proef te rijden'. Zo was ik 's ochtends toch meer op mijn gemak. Zoeken naar het juiste adres kost veel tijd. En tijd hebben we niet op overschot."

Dat blijkt. Elke tas koffie wimpelt Isabelle tijdens haar ronde vriendelijk maar kordaat af. Een praatje slaan kan, maar dan enkel tijdens het wassen of verzorgen. "De mensen hebben dat nochtans graag, dat je wat blijft 'plakken'. Maar dan geraak ik er niet. Al mag je ook niet te gehaast zijn. Door overal binnen te stormen en vlug vlug je te werk doen, stijgt ook het gevaar op fouten. En de kwaliteit van je zorg lijdt eronder. Hoe druk het ook is, voor mij komt mijn werk altijd op de eerste plaats. Dat moet goed zijn."

'Ik moet van alle markten thuis zijn'

De soepelheid waarmee Isabelle haar patiënten groet, verzorgt en weer vertrekt, is bewonderenswaardig. Het ziet er ogenschijnlijk allemaal zo makkelijk uit. "Jaren training", lacht ze. "Toen ik pas startte, is het me nog overkomen dat ik in de namiddag patiënten verzorgde die op mijn voormiddaglijst stonden."

Elke begin is moeilijk. Daarom mispakken ook stagiairs zich wel eens aan de job. "Meestal komen ze 's avonds bekaf thuis. De meeste denken er niet aan dat een thuisverpleegkundige van alle markten moet thuis zijn: wonden verzorgen, patiënten wassen, stoma's vervangen, medicatiepompen plaatsen, chemopompen verwijderen ... We moeten het allemaal kunnen. Thuisverpleegkunde is geen ziekenhuis waar alle patiënten netjes per afdeling liggen."

'Wie dit wil volhouden, moet het graag doen'

Elke donderdag ontmoet Isabelle haar lokale collega's voor een rondje patiëntenbespreking. De klachten over de werkdruk laten tijdens die vergaderingen meestal niet lang op zich wachten. "En als het je echt te veel wordt tijdens je ronde kan je altijd naar kantoor bellen. Dan wordt er al eens met patiënten geschoven om je ronde te verlichten."

Zou extra personeel niet helpen? "Ja", lacht Isabelle, "maar het is blijkbaar moeilijk om die nu nog te vinden. Toen ik afstudeerde, waren er helemaal geen tekorten in de zorg. Nu lijkt alle interesse van de studenten voor de verpleegkunde verdwenen. Misschien komt het door het weekendwerk, ik weet het niet. Maar het heeft ook geen enkele zin om verpleegkunde te studeren omdat je dan zeker bent van een job. Wie dit wil volhouden, moet het in de eerste plaats graag doen."

bulletsTe veel werk? Eigen schuld!    

Meer info over Carrière , Stress

04/03/2009