Krijg je meer pensioen als je langer blijft werken?
Op dit moment moet je in België 45 jaar werken om recht te hebben op een volledig wettelijk pensioen. Dat zijn 14.404 dagen wakker worden, je job uitoefenen, de was en de plas doen en weer gaan slapen. Maar wat als je de pensioenleeftijd bereikt en nog niet aan stoppen denkt? Levert die hongerige werkmindset dan extra pensioen op? We zoeken het voor je uit.
Wie minder dan 45 jaar werkt, zal ook minder pensioen krijgen. Werk je bijvoorbeeld 43 jaar, dan wordt dat in mindering gebracht in je uiteindelijke pensioenuitkering. De Federale Pensioendienst (FPD) houdt met verschillende aspecten rekening bij de rekensom die ze maken.
Zo hangt je loon recht evenredig samen met hoeveel pensioen je krijgt en is ook je statuut belangrijk. En ze gebruiken niet alleen gewerkte dagen in de berekening, maar ook gelijkgestelde dagen zoals ziektedagen, ouderschapsverlof en werkloze periodes met uitkering.
Lees ook: Wanneer kan ik met pensioen?
Basisprincipe pensioenberekening
Om het pensioen te berekenen, kijkt de dienst naar je 14.404 meest ‘voordelige’ loopbaandagen. Dit betekent dat minder gunstige dagen – zoals werkloosheid, brugpensioen of SWT (Stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag) – niet meer meetellen vanaf dat moment. Alleen ziekte kan nog meetellen, zolang die dagen bij je voordeligste 14.404 dagen horen.
De extra dagen die je daarna effectief werkt, worden bovenop de 14.404 dagen als bonus gerekend – en leveren dus extra pensioen op. Wie bijvoorbeeld eerst vijftien jaar als werknemer aan de slag is, daarna zelfstandig ondernemer wordt tot aan de pensioenleeftijd, en dan nog twee jaar doorwerkt, ziet zijn pensioenuitkering met zo’n 4,4% stijgen.
Ontdek: Hoeveel pensioen zal ik krijgen?
Kanteljaar
Het jaar waarin je die symbolische dag werkt, wordt het kanteljaar genoemd. Een belangrijk begrip wanneer niet alles vlekkeloos volgens plan verloopt. Stel, in september 2021 mag je op pensioen, maar je beslist om nog twee jaar verder te doen. Goed voor 624 extra gewerkte dagen. Maar in die twee jaar was je in totaal wel zes maanden (156 dagen) ziek en zat je thuis met ziekteverlof. Dan hertekent de pensioendienst het plaatje.
Alle effectief gewerkte en gelijkgestelde dagen worden opgeteld tot en met de laatste dag van het jaar vóór je kanteljaar, in dit voorbeeld dus tot 31 december 2020. Daar wordt je aantal gewerkte dagen tot en met je vooropgestelde pensioendag (in september 2021) bijgeteld. Daarbovenop komen de extra dagen vanaf dat moment tot het moment van volledig stoppen.
De zes maanden ziekteverlof leveren je dus geen extra pensioen op, al kunnen die wel weer meegeteld worden ter vervanging van de ‘minder goede’ dagen van je 14.404. Kan je nog volgen?
Pensioen FAQ: alle antwoorden op jouw vragen
Pensioenbonus
Wie beslist om z’n loopbaan nog niet te beëindigen op de officiële dag van het pensioen, bouwt een pensioenbonus op. Die opbouw mag maximaal drie jaar duren. Elke gewerkte dag in België na je vroegste pensioendatum telt mee. Hoe langer je nog werkt, hoe hoger dat bedrag natuurlijk zal zijn. Ideaal voor alle werknemers, zelfstandigen en ambtenaren die hun carrière dus nog een stukje willen verlengen.
Ook als je deeltijds werkt, kan je zo’n bonus opbouwen. Die zal dan logischerwijs in verhouding staan met je gewerkte arbeidsduur. De pensioenbonus is een vrij nieuw stelsel en kan pas opgebouwd worden sinds 1 juli 2024. Per jaar kan je maximaal één bonusjaar van 312 dagen opbouwen. De bonus stopt uiteraard als je beslist om je werkoutfit definitief aan de haak te hangen.
Langer werken levert je dus meer wettelijk pensioen op! Al zijn er toch enkele nuances. Wie graag extra loopbaandagen wil werken, moet de pensioenbonus daarbij niet zelf aanvragen. Indien je hier recht op hebt, berekent de FPD dit automatisch.
Extra: Al jouw vragen over de pensioenbonus beantwoord
(ZINNIG) – Bron: Mensura / MyPension