Rectificatie

De kranten staan vol leugens. Langs lange, grauwe autosnelwegen staan grote, grijze gebouwen waar kleine, grimlachende journalisten alle geruchten en geroddel optikken. Voor een paar cent verpatsen lezers en scribenten hun tijd en eerzaamheid aan het vod dat dagblad heet.

7 april 2010

Delen

Thomas Blondeau
Thomas Blondeau werkt voor het Leids Universitair weekblad Mare. In 2006 debuteerde hij met zijn roman Ex.

Het is de mening van mensen die nooit een krant lezen.

Dan heb je de mensen die dat wel doen maar weten dat al dat papier door mensenhanden is gegaan. Dat betekent rafelrandjes, weeffouten, te hard aangezette patronen en te licht gemengde kleuren. Soms uit moedwilligheid, soms door onverdacht menselijk tekort. Deze lezers halen de schouders op en leggen de krant bij het oud papier.

Tot slot heb je het slag mensen dat voor het recycleren eerst het nietje uit het bedrukte papier peutert. Het zijn de schrijvers van ingezonden brieven. Een minderheid daarvan wijst op een verkeerd jaartal of een andere misstap. De meerderheid wil zelf in de krant. Zo was er de man die elke zondag zijn hele medische dossier faxte naar de nieuwsfabriek waar ik ooit werkte. Vervolgens belde hij op om de statistieken en verslagen van commentaar te voorzien. Het was de ontgroeningsgrap voor menig stagiair. Bij een weekblad kregen we af en toe een voornaam pratende vrouw aan de lijn die eiste dat we haar gebruikersrecht zouden uitkeren. Lang geleden had ze namelijk een patent genomen op de vorm van het vraag-antwoord-interview. En nu maakten wij toch wel degelijk gebruik van haar uitvinding! Nietwaar, meneer?

Natuurlijk zijn er ook de minder vrolijk ontwrichten. De moeder van twee die genoegdoening wou voor de slachtoffers van een vliegtuigramp waar niemand ooit van gehoord had. De voormalige notaris die dacht dat onze cryptograaf hem geheime boodschappen toespeelde. De vervloekte romancier die zijn dagen opschreef in de kwantificeerbare eenheden. Zoveel sigaretten, zoveel centiliter koffie, zoveel calorieën verbrand en ook, opmerkelijk genoeg, zoveel gram ontlasting. Als eenmalig prozagedicht zag ik er nog wel wat in. Bij dag twee werd het al wat saaier.

Gezien de meeste van deze rectificeerders zich beperken tot een enkele handgeschreven brief of veelvuldig spammen, zijn hun inspanningen gewoonlijk al snel bedolven onder de vereisten van de werkdag.

Behalve als ze opeens aan je bureau staan. Meneer Hendrix was een flinke kop groter dan ik en niet van plan ‘even een mailtje te sturen met de precieze aard van zijn klacht’.

‘Er staat een fout in de krant. Een fout.’
‘Dat spijt ons.’ Altijd in meervoud praten als het slecht gaat. Onheil heeft vele schouders nodig. ‘Over welk artikel gaat het?’
‘In de krant van verleden week. Van verleden week.’
‘Welk artikel? Even kijken of we er iets aan kunnen doen.’
‘Dat artikel over Jimi Hendrix. Daar staat een fout in.’
‘Ach, vervelend. Wat hebben we verkeerd gedaan?’
‘Er staat dat hij overleden is in 1970. Dat klopt niet.’
‘Bent u zeker? We dachten toch echt …’
‘Ik ben namelijk Jimi Hendrix.’

Uiteindelijk hebben meneer Hendrix en ik een uur in elkaars gezelschap doorgebracht. Achter me stierf de auteur van het artikel van het lachen.

Ontvang de nieuwste tips over werk en carrière

Meer dan 440.000 Jobat gebruikers zijn wekelijks op de hoogte

Aanbevolen jobs

Wij jij ook meer verdienen, leukere collega's of minder file ?

De job werd bewaard

Je kan je bewaarde jobs terugvinden onderaan deze pagina, maar ook op de homepage en in Mijn Jobat.

Wil je ze ook op andere toestellen kunnen bekijken? Meld je dan aan.