Cameratoezicht op het werk: wat mag, wat niet?

Het zou je misschien verbazen: camera’s op de werkvloer zijn wettelijk in orde. Maar alleen in strikt afgebakende situaties. Zo is permanente cameracontrole om alleen het gedrag of de prestaties van werknemers te volgen in principe niet toegestaan. Dat bevestigde de Belgische privacywaakhond GBA recent nog in een concrete (horeca)zaak.

camera bewaking

Camera’s op de werkvloer blijven een gevoelig thema. Werkgevers verwijzen vaak naar veiligheid, diefstalpreventie of efficiëntie, terwijl werknemers vooral bezorgd zijn om hun privacy. Die spanning zorgt ervoor dat camerabewaking regelmatig ter discussie staat, zeker wanneer camera’s zichtbaar op medewerkers gericht zijn.

Uit de praktijk blijkt bovendien dat sommige werkgevers de regels te ruim interpreteren of onvoldoende kennen. Of ze gewoon aan hun laars lappen, dat kan ook.

Lees ook: Naar welke persoonlijke info mag een werkgever niet vragen?

Hoe zijn die camera’s wettelijk geregeld?

Camerabeelden van werknemers gelden als persoonsgegevens en vallen dus onder de privacywetgeving, meer bepaald de GDPR. Daarnaast is ook de befaamde cao nr. 68 van toepassing, die al sinds de jaren negentig bepaalt wanneer cameratoezicht op de werkvloer mag.

Die cao laat camerabewaking slechts toe voor welomschreven doeleinden, zoals veiligheid en gezondheid, bescherming van bedrijfsgoederen, controle van het productieproces of controle van het werk van de werknemer. Die laatste categorie is meteen ook de strengst gereguleerde.

Wat bij controle van werknemers?

De hoofdregel is dat cameratoezicht geen buitensporige inmenging in het privéleven van werknemers mag vormen. Als er toch een impact is op de privacy, moet die zo beperkt mogelijk blijven.

De cameracontrole mag niet permanent zijn en moet tijdelijk, proportioneel en noodzakelijk zijn. Met andere woorden: een werkgever mag geen camera’s gebruiken om medewerkers voortdurend te observeren of hun houding en gedrag te evalueren.

Daarnaast moet het doel van de camerabewaking vooraf duidelijk worden vastgelegd en gecommuniceerd. Zo moet je als werknemer weten waarom er gefilmd wordt, hoe lang beelden worden bewaard en wie er toegang toe heeft.

CHECK: Hoe zit het met je privacy tijdens het pendelen?

Wat heeft de Gegevensbeschermingsautoriteit (GBA) recent beslist?

In een recente beslissing boog de GBA zich over camerabewaking in een horecazaak. “De werkgever had camera’s geplaatst nadat hij vond dat de houding van het personeel veranderde na een aangekondigde overname”, zo licht Isabel Plets, advocaat bij Lydian, het GBA-dossier toe. De camera’s filmden permanent.

Volgens de werkgever dienden de camera’s om verzet te vermijden, het gedrag tegenover klanten te controleren en de goede uitvoering van het werk te verzekeren. De GBA was het hier niet mee eens en gaf de werkgever een waarschuwing. “Het evalueren van houding of gedrag van werknemers is geen toegelaten doeleinde onder cao nr. 68”, zo beaamt Isabel Plets.

Bovendien stelde de GBA vast dat permanente cameracontrole disproportioneel is en dat de werkgever geen geldige rechtsgrond had aangeduid voor de verwerking van de beelden. Dat werknemers een bijlage bij hun contract hiervoor hadden ondertekend, veranderde daar niets aan.

Extra: Wat mag die werkgever van jou te weten komen?

Wat betekent dit concreet voor werknemers en werkgevers?

Voor werknemers is deze beslissing een duidelijke bevestiging dat privacy op het werk ernstig wordt genomen. Camerabewaking mag geen vervanging zijn voor leidinggeven, vertrouwen of overleg. Wie het gevoel heeft onterecht of permanent gefilmd te worden, staat juridisch dus niet machteloos.

Voor werkgevers is de boodschap even helder. Cameratoezicht vereist een duidelijke afweging vooraf, een correcte juridische basis en een proportionele aanpak. Camera’s mogen nooit worden ingezet als algemene en constante controletool.

Schrijf je eigen beoordeling

(William Visterin)

Ontvang de nieuwste tips over werk en carrière

Ontvang de nieuwste tips over werk en carrière

Anderen bekeken ook