Je begint met de allereerste basis: hoe werkt elektriciteit? Wat is een LED? Hoe sluit je die aan? We nemen alle tijd. Geen stomme vragen, alleen leergierige mensen. In les twee schrijf je je eerste programmaatje. Simpel, maar het werkt. Jouw computer stuurt nu een lampje aan. Magisch? Nee, logica. En jij beheerst die logica nu.
Naarmate de weken vorderen, wordt het spannender. Je leert sensoren gebruiken: temperatuur meten, beweging detecteren, afstand bepalen. Je robot krijgt "zintuigen". Dan komen de motoren: dingen laten bewegen, servo's aansturen, snelheid regelen. Je bouwt bijvoorbeeld een robotarm die jij bestuurt, of een wagentje dat obstakels ontwijkt.
Halverwege de cursus maak je de overstap naar de Raspberry Pi: een complete mini-computer, maar krachtig genoeg om je projecten online te brengen. Je leert Python programmeren en verbindt je creaties met het internet.
Je plantenbevochtiger stuurt voortaan een bericht naar je telefoon als het tijd is om water te geven.
In de laatste drie lessen wordt het serieus. Je kiest een eigen project: een lijnvolgende robot, een slimme deurbeveiliging met camera, een weerstation met online dashboard, of iets totaal anders dat jij bedacht hebt. Met onze begeleiding maak je het af. In les 10 presenteer je trots aan de groep wat jij in 10 weken voor elkaar kreeg.