Welk effect heeft 'Mijn Restaurant' op de horeca-opleiding?

Kok Peter Goossens
"Als ik de businessplannen zie van sommige deelnemers aan 'Mijn Restaurant', dat is om te janken" (Paul Suy, general manager Ghent Marriott)

De eethype op tv, met programma’s als ‘Mijn Restaurant’ en ‘Komen Eten’, heeft het imago van de horeca serieus opgekrikt. Mensen voelen zich er sneller toe aangetrokken, maar de getuigenis van het luxueuze Ghent Marriott-hotel bewijst dat het moeilijk blijft om bekwaam personeel te vinden én te houden.

De horeca als laatste keuze

De populariteit van kookprogramma’s als ‘Mijn Restaurant’ verandert niets aan de moeizame instroom voor de zaalopleidingen waarmee de VDAB al jaren geconfronteerd wordt. Nochtans hebben cursisten, als ze zo’n opleiding succesvol afronden, een grote kans op werk: “Zaalpersoneel moet kunnen omgaan met mensen en precies dat rechtstreekse menselijke contact is het moeilijkste aspect van de horecabusiness”, weet Bert Berges, horeca-expert bij de VDAB. “Je moet de klanten graag willen verwennen, zelfs al doen die soms wat moeilijk.”

Van de cursisten die aan zo’n zaalopleiding beginnen, haken er onderweg een pak af. “Omdat ze schrikken van het niveau”, stelt Berges vast. “De opleiding is dan ook bedoeld om je klaar te stomen voor de arbeidsmarkt. Sommige allochtonen die zich inschrijven, gooien de handdoek in de ring omdat ze het Nederlands onvoldoende machtig zijn en zich onzeker voelen. Ook deelnemers die geen interesse hebben in wijn houden het niet vol.”

Groot verloop

Tijdens het eerste seizoen van ‘Mijn Restaurant’ zag de VDAB wél een opmerkelijke stijging in de interesse voor de keukenopleidingen, zoals die tot sous-chef. “Al was het effect regiogebonden”, licht Berges toe. “In Antwerpen voelden we de invloed van het programma bijvoorbeeld meteen, in West-Vlaanderen minder. Vandaag zien we nog altijd dat in sommige provincies de wachtlijsten goed gevuld zijn.”

Ook in de keukenopleidingen merkt de VDAB dat mensen die met volle moed de cursus starten het beroep en de stress die ermee gepaard gaat danig onderschatten. De horeca is een aparte sector. Het verloop is er frappant groot. Goede koks of zaalmedewerkers hebben de jobs voor het rapen. Als ze ergens hun motivatie verliezen, pakken ze al snel hun koffers.

Geen ‘easy money’

Paul Suy, general manager van het Ghent Marriott, een van de meest luxueuze Gentse hotels, geeft toe dat het moeilijk is om bekwaam personeel te vinden. “Het probleem is dat de horeca geen vak is waar mensen in ons land heel bewust voor kiezen”, legt hij de vinger op de wonde. “Al te vaak komen mensen in de horeca terecht nadat ze tevergeefs andere studies hebben geprobeerd. Ouders duwen hun kinderen in de Latijnse of de moderne humaniora. Tegen de tijd dat zij in de hotelschool sukkelen, heeft hun zelfbeeld al een serieuze deuk opgelopen.”

Alleen al daarom is ‘Mijn Restaurant’ een godsgeschenk. Het programma heeft het imago van de sector een pak aantrekkelijker en respectabeler gemaakt. Iedereen kijkt nu op naar een chef-kok als Peter Goossens. “Het heeft echter ook een negatief effect”, moet Suy bekennen. “Het programma bewijst helaas ook dat de horeca mensen aanzuigt die uit zijn op ‘easy money’. Als ik de businessplannen zie van sommige deelnemers aan ‘Mijn Restaurant’: dat is om te janken. Er wordt veel te weinig de klemtoon gelegd op het management.”

Niet voor softies

De horeca is niet voor softies. Maar tegenover de onregelmatige uren staan ook aardig wat voordelen, als we Paul Suy mogen geloven. “Er is de afwisseling: in de horeca is elke dag anders. Je kan in deze sector ook doorgroeien tot het niveau van chef-kok of maître d’hôtel. Dat zijn bijna artistieke jobs die veel respect krijgen. Op die aspecten wordt jammer genoeg nauwelijks ingezoomd door onze hotelscholen.”

(pvd) 

Meer info over Student , Carrière , Zelfstandigen en bijberoep

25/03/2010