Vrouwen verdienen 3,4 miljard euro te weinig

Per gewerkt uur verdienen werkende vrouwen 10% minder dan hun mannelijke collega’s. Alles samen moesten werkende vrouwen in 2011 45,9 miljard euro verdienen, maar ze kregen... 3,4 miljard minder.

Vrouwen krijgen lager uur- en jaarloon

Bekijken we de vergoeding per uur, dan krijgen vrouwen gemiddeld 10 procent minder dan hun mannelijke collega’s. Voor uurlonen is de loonkloof in 2011 niet kleiner geworden dan in 2010, wel gestagneerd. Op jaarbasis blijkt dan weer dat vrouwen maar liefst 22 procent minder verdienen. Daar is de loonkloof wel licht gedaald ten opzichte van 2010.

Dat blijkt uit cijfers die verzameld worden door de Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie van de Federale Overheidsdienst Economie, KMO, Middenstand en Energie, en het Federaal Planbureau. Officiële statistieken, dus. De laatste cijfers, uit 2011, werden gebundeld en verwerkt door het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen.

3,4 miljard euro te weinig

In absolute cijfers klinkt het verschil tussen mannen en vrouwen nog indrukwekkender: op basis van het aantal dagen dat ze gewerkt hebben, verdienden vrouwen in 2011 maar liefst 3,426 miljard euro te weinig.

In 2011 was 52,57 procent van de werknemers mannelijk, tegenover 47,43 procent vrouwen. In totaal namen de dames bijna 43 procent van de werkdagen voor hun rekening. De totale loonmassa lag in 2011 op 107.045.753.000 euro, maar de dames zagen slechts 40 procent hun richting uitkomen.

De privésector is slechter af, geen loonkloof in publieke sector

De verschillen worden groter als de cijfers verdeeld worden op basis van het statuut van de werknemers. In de publieke sector is er amper een loonkloof te bespeuren tussen mannelijke en vrouwelijke contractuelen. In de privésector ligt dat heel anders. Arbeidsters verdienen er een vijfde minder dan arbeiders, vrouwelijke bedienden zijn nog slechter af: zij zien op hun loonbriefje een bedrag dat een kwart lager ligt dan dat van hun mannelijke vakgenoten.

Luchtvaartsector discrimineert meest

Los van het statuut zijn er ook verschillen op basis van de sectoren. Zo komen dames beter niet in de luchtvaartsector terecht. Daar bedraagt de loonkloof maar liefst 33 procent.

De top 5 wordt vervolledigd door bedrijven uit:

  • de productie en distributie van elektriciteit, gas, stoom en gekoelde lucht
  • de vervaardiging van informaticaproducten en van elektronische en optische producten
  • de vervaardiging van kleding
  • de ondersteunende activiteiten voor verzekeringen en pensioenfondsen

Zelfs minder extralegale voordelen

Vrouwen hebben niet alleen een minder lucratieve loonfiche, ze moeten ook onderdoen wat betreft de extralegale voordelen. Neem woon-werkverkeer: dames krijgen een vergoeding die bijna 30 procent lager ligt. Gaat het over een aanvullend pensioen dan zijn vrouwen opnieuw de dupe: ze krijgen minder vaak zo’n aanvullend pensioen. Als ze het wél ontvangen, dan liggen de bijdragen 40 procent lager. En dan zijn er nog de aandelenopties. Heel weinig werknemers mogen erop hopen, maar mannen hebben wel twee keer meer kans dan vrouwen.

Deeltijds werkende vrouwen nieuw probleem

De tendens dat er meer vrouwen in het deeltijds arbeidscircuit terechtkomen, is geen positieve. De loonkloof tussen de voltijdse en deeltijdse arbeidsmarkt groeit (ongeacht de sekse), maar een deeltijds werkende vrouw verdient ook nog eens minder dan haar mannelijke collega die evenveel werkt.

Een deeltijds werkende vrouw krijgt 15 procent minder dan vrouwen die voltijds werken en een vijfde minder dan voltijds werkende mannen. De cijfers worden negatief versterkt als je de tewerkstelling ziet: bijna een op twee vrouwelijke werknemers werkt deeltijds. Voor mannen is dat maar een op de tien. In vergelijking met 1999 is de deeltijdse arbeid bij vrouwen toegenomen met 15 procent. Bij mannen gaat het wel om een toename van 124 procent, meer dan een verdubbeling.

Oudere en hoogopgeleide dames slechter af

De loonkloof blijkt ook toe te nemen met de leeftijd. Dames boven de 55 verdienen in de industrie en marktdiensten ruim een vijfde minder dan mannen. Vrouwen tussen de 45 en 54 moeten het met 15 procent minder doen. Ook opvallend: de loonkloof is het grootst bij hogeropgeleiden. Hoogopgeleide vrouwen verdienen meer, maar toch nog 18 procent minder dan hun mannelijke collega’s.

Allochtone vrouwen grootste dupe

Wie uit de buurlanden of vanuit de VS op de Belgische arbeidsmarkt belandt, verdient meer dan Belgische werknemers. Maar ook daar verdienen vrouwen beduidend minder. Wie uit de Maghreblanden of de rest van Afrika op onze arbeidsmarkt terechtkomt, heeft het meestal niet goed getroffen. De brutolonen van die werknemers liggen het laagst. En in die categorie verdienen vrouwen dan nog eens 13 procent (Maghreblanden) en 10 procent (andere Afrikaanse landen) minder dan hun mannelijke tegenhangers. Bovendien is de werkzaamheidsgraad van vrouwen buiten de EU gedaald. In die categorie is maar één op vier aan de slag.

Valt er dan niets positief te melden?

Jawel. In vergelijking met 2010 waren er in 2011 meer vrouwen aan het werk. Het aantal mannen met een baan blijft al sinds het einde van de jaren 90 stabiel, het aantal vrouwen is alleen maar gestegen. De laatste vier decennia is de loonkloof in de industrie ook gehalveerd. Zeker bij voltijdse werknemers is de daling markant. Met het deeltijds arbeidscircuit duikt evenwel een nieuw probleem op. De genderkloof zal over de jaren wellicht een minder grote rol spelen, maar de kloof tussen de voltijdse en deeltijdse arbeidsmarkt groeit. In die markt met twee snelheden zijn vrouwen oververtegenwoordigd in de minst comfortabele categorie.

 

(mr) 

Meer info over Soorten contracten , Hoeveel ben ik waard? , Variabel loon , Loonkloof , Meer/minder verdienen , Discriminatie

16/12/2014