Van vluchteling tot collega dankzij een app

“Niemand krijgt een voorkeursbehandeling.” (Freddy Van Malderen, directeur VDAB Oost-Vlaanderen)

“Nieuwkomers lager geschoold dan verhoopt”, koppen de kranten. Vluchtelingen inschakelen op de arbeidsmarkt is niet zo eenvoudig, maar hier en daar zijn er succesverhalen. Op 30 mei organiseert VOKA Oost-Vlaanderen een infodag voor werkgevers. Een aanleiding voor Jobat om VDAB Oost-Vlaanderen te vragen naar een situatieschets, en een werkgever en een vluchteling naar hun ervaring.

Na de zomer lanceert VDAB een app die vluchtelingen en werkgevers rechtstreeks met elkaar in contact brengt. “Verder zetten we gewoon de bestaande instrumenten in om kandidaten uit kansengroepen aan werk te helpen. Of het nu gaat over laaggeschoolden, migranten of vluchtelingen”, zegt Freddy Van Malderen, directeur VDAB Oost-Vlaanderen.

“Geen positieve discriminatie dus. We vullen vacatures niet anders in omdat die grote groep vluchtelingen er is. Noch onze geautomatiseerde matching, noch de persoonlijke bemiddeling verandert wanneer er een vacature binnenkomt die mogelijk ook toegankelijk is voor vluchtelingen. Wel zorgen we dat ze wéten dat er jobs voor hen zijn. En werkgevers moeten weten dat er misschien mensen bij zijn die knelpuntvacatures kunnen invullen. Er zijn werkgevers bij wie ook een maatschappelijk engagement meespeelt. We vragen vooral om vacatures aan VDAB door te geven. Verder bemiddelen we iedereen op dezelfde manier.”

Cijfers: nog te vroeg

Om al uitspraken te doen over tewerkstelling van recent aangekomen asielzoekers, is het te vroeg. Om één en ander in goede banen te leiden, werden in Oost-Vlaanderen alvast 10 tijdelijk consulenten aangeworven (in Vlaanderen 35) om nieuwkomers te begeleiden. Daarnaast werd er een taskforce vluchtelingen opgezet, zegt stadsmanager Gent Helga Van Heysbroeck.

“In Gent brengen we de situatie individueel in kaart. Het is een heterogene, vooral laaggeschoolde groep met heel uiteenlopende profielen. De werkgroep Werk Vluchtelingen slaat bruggen tussen de stad Gent, VDAB, OCMW, In-Gent vzw en andere partnerorganisaties en staat nauw in contact met de vluchtelingencentra zoals opvangponton Reno.”

Maar vluchtelingen moeten eerst en vooral mentaal klaar zijn voor werk. Dat spreekt niet vanzelf. “Getraumatiseerd zijn ze niet altijd door hun situatie, maar de ene heeft meer draagkracht dan de andere”, zegt expert Inwerking Louise Vancouillie. “Organisaties als CAW worden ingeschakeld voordat er sprake is van een arbeidstraject. Maar we zien dat veel vluchtelingen echt gemotiveerd zijn en zelf het heft in handen willen nemen.”

Syrische schrijnwerker

Stelt VDAB iemand voor aan een werkgever, dan speelt kennis van het Nederlands geen doorslaggevende rol. “We zijn afgestapt van het idee dat een kandidaat eerst Nederlands moet kennen voor we hem of haar bemiddelen”, zeg Freddy Van Malderen. “De nadruk ligt op integratie door werk. Natuurlijk moet de veiligheid op de werkvloer gewaarborgd zijn. Er moet communicatie mogelijk zijn.”

Louise Van Couillie beaamt: “Er zijn vacatures waarvoor enkel een basis Nederlands gevraagd wordt en waarvan we verwachten dat vluchtelingen er belangstelling voor hebben. Maar het is niet de bedoeling om gericht te adverteren. VDAB kan op de werkvloer wel taalondersteuning aanbieden. Het traject Nederlands op de Werkvloer bestaat al lang, net als de Individuele Beroepsopleiding met taalondersteuning. De werkomgeving - onder meer de collega’s - van de werkzoekende wordt eventueel méé ondersteund. Anderstalige nieuwkomers inwerken doen we al lang, net zoals we op maat werken van mensen met een arbeidshandicap. Belangrijk is dat we Nederlands niet meer bekijken als een voorwaarde, maar een competentie. Pakweg een goede Afghaanse of Syrische schrijnwerker kan op die manier snel aan de slag.”

(wdh- - Meer info: Gsiw.stad.gent | Vdab.be 

Meer info over Waar vind ik jobs? , Waarom vind ik moeilijk een job? , Collega's , Speciale werkstatuten

27/05/2016