Van verzorgende tot verpleegkundige: ‘Ik zou niets anders meer willen doen’

Sarah Wegge
”Als ik iemand heb gewassen en verzorgd en die persoon is tevreden, geeft me dat een goed gevoel.” (Sarah Wegge, verpleegkundige WZC Sint-Maria, Zorgbedrijf Antwerpen)

Elf jaar geleden ging Sarah Wegge aan de slag als verzorgende in woonzorgcentrum Sint-Maria, onderdeel van Zorgbedrijf Antwerpen. Na een omscholing tot verpleegkundige, haar aangeboden door haar werkgever, en enkele omzwervingen in de psychiatrie en de thuiszorg is voor Sarah de cirkel rond. Ze werkt weer in het woonzorgcentrum, op de afdeling waar ze ooit startte, te midden van 35 bejaarden met dementie. “Niet altijd een gemakkelijke job maar wel zeer dankbaar.”

Een job als verpleegkundige hoeft geen synoniem te zijn voor een vlakke loopbaan. Het carrièrepad van Sarah Wegge is wat dat betreft veelzeggend. Na een start als geschoold verzorgende in het Berchemse woonzorgcentrum Sint-Maria greep ze met beide handen de kans om zich bij te scholen tot verpleegkundige.

“Ik heb dat gedaan via ‘Project 600’. Dat is speciaal uitgedokterd voor verzorgenden die willen opklimmen tot verpleegkundige. Omdat verpleegkundige een knelpuntberoep is, gebeurt dat aan mooie voorwaarden”, legt Sarah Wegge uit.

De drie jaar dat ze verpleegkunde studeerde, behield ze haar loon en voordelen. Al die tijd kon ze voltijds aan haar studie wijden. Enkel in de zomer moest ze een maand gaan werken in het woonzorgcentrum. De andere zomermaand diende om haar vakantie op te nemen. “Ik ben mijn werkgever, Zorgbedrijf Antwerpen, nog altijd enorm dankbaar voor die kans”, aldus Sarah.

Thuiskomen

Toch ruilde ze die werkgever na het behalen van haar diploma even voor een andere job in de zorg. “Ik had me gespecialiseerd tot psychiatrisch verpleegkundige en wou dat op zijn minst eens proberen.”

In het psychiatrisch ziekenhuis van ZNA waar ze werk vond, bleef ze niet langer dan drie maanden. Niet echt haar ding, zegt ze daar achteraf over. “Ik had vooral problemen met het bepalen van hoe dicht ik bij de patiënten kon staan. Misschien heeft het er mee te maken dat ik van nature nogal graag heel dicht bij mensen kom. Ik geef wel eens graag een knuffeltje. In de psychiatrie is dat niet altijd evident.”

Ook de thuiszorg van Zorgbedrijf Antwerpen, waarin Sarah vijf maanden heeft gewerkt, kon haar niet de voldoening geven die ze zocht. En dus keerde ze vorig jaar terug naar het woonzorgcentrum waar ze ooit haar loopbaan in de zorg begon. Toen als verzorgende, nu als verpleegkundige, op de afdeling waar ze opnieuw aan de slag wou, te midden van ‘haar’ 35 bejaarden met dementie.

“Ik heb ook nooit echt ontslag genomen bij Zorgbedrijf Antwerpen, wel loopbaanonderbreking. Toen ik terugkwam, voelde dat meteen goed aan. Dat was echt thuiskomen voor mij. Ik zou nu niets anders meer willen doen. Het is niet altijd gemakkelijk en het zijn niet altijd de leukste karweitjes maar ik heb wel heel veel voldoening van mijn werk. Ik krijg veel warmte en dankbaarheid terug voor wat ik doe. Als ik iemand heb gewassen en verzorgd en die persoon is tevreden, geeft me dat altijd een goed gevoel. Daar doe ik het toch wel voor.”

Glimlach

Als het van Sarah afhangt, doet ze deze job ‘tot haar pensioen’. Al ziet ze nog welk enkele uitdagingen op haar pad. “Er is me gevraagd om referentieverpleegkundige dementie te worden. Dat ga ik waarschijnlijk doen, maar nog niet dit jaar. Vanaf volgend jaar september zou ik daar een cursus voor willen volgen.”

Als Sarah referentieverpleegkundige wordt, zal ze voor iedereen binnen en buiten het woonzorgcentrum het aanspreekpunt zijn voor alles wat met dementie te maken heeft. “Dat kunnen vragen van collega’s, bewoners of hun familieleden zijn, maar ik zal ook bij bepaalde vergaderingen bij zijn, bijscholingen geven, collega’s van andere afdelingen bijstaan als daar iemand dementerend wordt enzovoort.”

Van stagiairs krijgt Sarah nu ook al vragen over hoe te communiceren met bejaarden met dementie. “Dat is toch moeilijk, zeggen ze dan. Ja, dat is zo, maar je ondervindt al snel dat die communicatie gewoon anders verloopt. Echte gesprekken zijn dat meestal niet, hoewel dat met sommigen nog wel mogelijk is. Met andere zit het meer in reacties op een gebaar, een aanraking, een glimlach. Dat is ook mooi.”

(wv)

Meer info over Gezondheidszorg

10/05/2013