Beroepsgeheim

Paul Michiels: ‘Ik ben één van jullie’

“In de drie minuten en een half dat een liedje duurt mensen hun zorgen wegnemen, dat was bijna een soort roeping” (Paul Michiels, zanger)

‘Op schoolreizen ging ik vooraan in de bus staan om liedjes te zingen. Ook op familiefeestjes was ik de entertainer. Optreden deed mij deugd. Ik wist vrij snel: dit is mijn ding.’ Aan het woord: Paul Michiels van Soulsister.

‘Vanaf mijn vijftiende ging ik de baan op. Wat was het heerlijk om mensen gelukkig te maken op een ‘bal populaire’. De geur van de spiegeltenten en oude cinemazalen, waar ik toen speelde, hangt nog steeds in mijn neus. In de drie minuten en een half dat een liedje duurt mensen hun zorgen wegnemen, dat was bijna een soort roeping.

Tussen de liedjes door zorg ik voor een knipoog. Daarmee wil ik de toeschouwers geruststellen: ik ben één van jullie. Ik ben geen zanger die zich verheven voelt. Ik wil tussen de mensen staan. Over gewichtige onderwerpen zal ik overigens ook nooit songs schrijven. Op dat vlak ben ik typisch een product van de popmuziek van de jaren 60. Ik zing over het geluk en het ongeluk in de liefde. Dat raakt bij iedereen een gevoelige snaar.

Geen alcohol

Een grotere autodidact dan ik bestaat er niet. Gitaar, klavier en mondharmonica heb ik mezelf aangeleerd dankzij mijn aangeboren muzikale gehoor. Ik heb uiteraard ook veel afgekeken van de mensen die ik bewonder. Als ik The Beatles op tv zag, bestudeerde ik hoe John Lennon de akkoorden op zijn gitaar nam. Ik heb mijn ogen en oren altijd goed open gehouden. Het grote voordeel van autodidact zijn, is dat ik geen partituren nodig heb. Het zit allemaal in mijn hoofd.

Voor een optreden ben ik niet zenuwachtig, maar heerst er een aangename spanning. Je wil uiteraard dat alles vlot verloopt. Na het concert doe ik niet liever dan aan de toog napraten. Vóór het optreden drink ik geen druppel alcohol. Onder invloed kan ik niet functioneren. Ik leef overdag al naar een concert toe. Elke dag dat ik moet spelen, houd ik ’s middags een siësta. En voor ik ga liggen, drink ik thee met salie, munt en honing, voor de stem. ‘Being a singer is a fucking drag’, zei Paul Carrack van Squeeze en Mike & The Mechanics me ooit. Muzikanten moeten enkel naar hun instrumenten omzien, maar wij moeten onszelf verzorgen. Want zonder onze stem staan we nergens.

Zorgen loslaten

Vele mensen staan stomverbaasd van mijn energie. Die lijkt onuitputtelijk op het podium. Ik veronderstel dat het in mijn genen zit. Het zit voor een stuk ook in je kop. Ik bezit het talent om mijn hoofd leeg te kunnen maken. Heel wat mensen lijken hun kleine zorgen niet los te kunnen laten, maar ik kan dat wel. Wat ik voor mijn conditie doe? Nooit stilzitten.

Omdat ik zelf mijn job zo goed mogelijk doe, verwacht ik van anderen hetzelfde. Als het geluid op het podium, door de monitors, niet goed is, kan ik weleens ambetant worden, maar ik blijf diplomatisch. Ik heb Jean-Jacques Burnel van The Stranglers ooit zijn basgitaar aan gensters zien slaan op een mengtafel. Zou ik nooit doen.’

(pvd) 

30/09/2011

  • 30 september 2011