Meer vrouwen ondernemer?

frederik anseel
“Bij vrouwen is er zo goed als géén gezinsinvloed op de kans dat ze ondernemer worden” (Frederik Anseel, professor organisatiepsychologie Universiteit Gent en hoofd onderzoeksgroep VIGOR)

Een vrouwelijke ondernemer riep vorige week op tot een boycot van een congres van de werkgeversorganisatie VOKA omdat geen enkele spreker een vrouw was. Het valt moeilijk te ontkennen: vrouwen zijn ondervertegenwoordigd in ondernemerskringen. Is er daarom sprake van discriminatie? ‘Ja.’ Is dat de schuld van VOKA? ‘Neen’, aldus Frederik Anseel, professor organisatiepsychologie aan de Universiteit Gent en hoofd van de onderzoeksgroep VIGOR.

Anseel: ‘Het zijn wijdverspreide subtiele vooroordelen die vrouwen het van jongs af aan moeilijk maken om te ondernemen. Om dat aan te tonen, leg ik u deze week de verrassende conclusies uit erfelijkheidsonderzoek voor. Niet altijd even makkelijk, maar volgt u even mee.’

Hoeveel vrouwen?

Eerst de cijfers: bij VOKA begeleidt men jaarlijks een 250 startende ondernemers, waarvan 15 procent vrouwen. Bij de 1.000 aanwezigen op het VOKA-congres, waren er 300 vrouwen. De raad van bestuur van VOKA telt 140 ondernemers, waaronder 20 vrouwen. Niet echt indrukwekkend, maar ook geen ramp. Je vindt gelijkaardige cijfers terug over de hele wereld.

Hoe komt dit? De meest originele manier om een antwoord te vinden op deze vraag, werd uitgevoerd in een onderzoek op 1.285 Zweedse tweelingen. ‘Tweelingen?’, vraagt u. Ja, tweelingen, waarmee moeder natuur van tijd tot tijd zelf een leuk genetisch experimentje opzet. Eeneiige tweelingen hebben namelijk identiek hetzelfde erfelijk materiaal. Twee-eiige tweelingen daarentegen, lijken genetisch gezien net zoveel op elkaar als gewone broers en zussen. Als je weet wie van hen ondernemer is geworden, kan je bepalen hoe sterk de invloed is van erfelijke factoren.

Wat blijkt?

De kans dat een vrouw ondernemer wordt, is voor 60 procent bepaald door erfelijke factoren, voor 40 procent door omgevingsinvloeden uniek voor één persoon, maar voor nul procent door invloed van de omgeving die een tweeling gemeenschappelijk heeft.

Bij vrouwen is er dus zo goed als géén gezinsinvloed op de kans dat ze ondernemer worden. Bij mannen is het net omgekeerd. Daar is zo goed als geen invloed van erfelijkheid, maar wel 60 procent invloed van de gemeenschappelijke omgeving en 40 procent invloed van de unieke omgeving. Ondernemerschap wordt bij mannen dus sterk beïnvloed door hun opvoeding in een ondernemersnest. Of ze er effectief de goede genen voor hebben, speelt niet mee.

De oplossing!

Voor mannen die sterk aangemoedigd worden in de maatschappij, maakt het immers weinig uit of ze genetisch optimaal uitgerust zijn om ondernemer te worden. Door een stimulerend gezinsklimaat kan als het ware elke man erin slagen. De opvoeding en maatschappij maakt het vrouwen door subtiele mechanismen veel moeilijker. Van hen slagen enkel de vrouwen met een uitzonderlijke genetische geschiktheid om effectief ondernemer te worden.

De oplossing? We moeten af van onbewuste stereotypes en sluipende discriminatie. Laten we daarom specifiek vrouwelijk ondernemerschap in het onderwijs aanmoedigen en expliciete aandacht geven aan vrouwelijke rolmodellen.

(fa) 

10/12/2012

  • 10 december 2012