Leerlingen maken vliegtuigonderdelen bij ASCO

"Het is veel beter als leerlingen kunnen meebouwen aan een echt project." - Simon Kusters (coördinator RTC Vlaams-Brabant)

Leerlingen uit het middelbaar onderwijs die vliegtuigonderdelen maken met de machines van een echt bedrijf? Het kan in het 'Aircraft Schools Challenge Project', een samenwerking tussen ASCO in Zaventem, het Regionaal Technologisch Centrum Vlaams-Brabant en scholen uit de regio.

De industrie schreeuwt om voldoende geschoolde technische krachten. Voor scholen is het echter onhaalbaar om steeds de allernieuwste machines in huis te halen waarop hun leerlingen kunnen oefenen. Daarom bestaat er in elk van de vijf Vlaamse provincies een Regionaal Technologisch Centrum (RTC) dat dient als brug tussen het technisch en beroepsonderwijs enerzijds en het bedrijfsleven anderzijds.

"We zijn een soort makelaar tussen scholen en bedrijven", zegt coördinator Simon Kusters van het RTC Vlaams-Brabant. "Wij zoeken bedrijven die hun infrastructuur en state-of-the-art machines beschikbaar stellen voor leerlingen in de derde graad van het BSO en TSO." Beide partijen winnen in deze samenwerking: de leerlingen kunnen werken met moderne machines en technologieën, en de bedrijven zorgen er mee voor dat leerlingen de nodige competenties bezitten wanneer ze afstuderen. Wie bijvoorbeeld automechanica volgt, moet op de hoogte zijn van de nieuwste ontwikkelingen in autotechnologieën. De vijf Vlaamse RTC's samen verzamelden daarom een pool van 30 recente demowagens die ter beschikking worden gesteld door de constructeurs, en die roteren tussen de scholen. Zo kunnen hun leerlingen kennismaken met hybride wagens en de nieuwste aircosystemen.

Vliegtuigonderdelen

Elk RTC mag zijn eigen accenten leggen. In Vlaams-Brabant is dat vooral de sector elektriciteit/mechanica, waarvoor het RTC samenwerkt met de sectorfondsen en met de VDAB in Diest, Haasrode en Vilvoorde. Een blikvanger is het 'Aircraft Schools Challenge Project' dat al sinds 2010 loopt in samenwerking met ASCO uit Zaventem, een bedrijf dat onderdelen voor vliegtuigen maakt. De leerlingen vertrekken van een technische tekening van zo'n onderdeel, en leren de hulpstukken bouwen die nodig zijn om dat te vervaardigen. Dat gebeurt op hypermoderne CNC-machines, zeg maar computergestuurde draai- en freesmachines. "Vliegtuigonderdelen worden uit grote blokken aluminium of titanium gefreesd", legt Simon Kusters uit. "Dat gaat allemaal computergestuurd, en om die machines te bedienen zijn hoogopgeleide techniekers nodig." Die zijn er in Vlaanderen onvoldoende, zodat er nu elke dag honderd techniekers uit de regio Roubaix naar ASCO in Zaventem pendelen.

Via het 'Aircraft Schools Challenge Project' laat ASCO jongeren uit de provincie kennismaken met de job van CNC-operator. Elk jaar volgen 70 tot 80 leerlingen het programma, en daar haalt ASCO gemiddeld 15 tot 20 aanwervingen uit. "Daar zit voor de deelnemende bedrijven de winst. Ze moeten in zo'n project investeren door hun machines, materiaal en kennis ter beschikking te stellen, en ze moeten vertrouwen hebben in de 17- en 18-jarigen die bij hen over de vloer komen. Maar aan het einde kunnen ze makkelijk zien met wie ze willen verdergaan."

Voor de leerlingen is het grote voordeel dat ze leren in een realistische omgeving. "Het is geen schoolse oefening waarbij ze zomaar iets frezen; ze werken mee aan een onderdeel voor een vliegtuig dat ooit echt in productie zal komen", zegt Simon Kusters. Hetzelfde principe is volgens hem ook mogelijk in de bouwopleiding. "Je kan leerlingen op school een muurtje laten metselen dat 's avonds weer wordt afgebroken. Maar het is veel beter als leerlingen kunnen meedraaien in een bouwbedrijf en meebouwen aan een echt project waar ze trots op kunnen zijn."

Voor de leerlingen heeft een RTC-project nog een bijkomend voordeel, weet Simon Kusters. "Ze ontdekken welke attitudes er in een bedrijf verwacht worden. Ze moeten er elke dag op tijd zijn en leren functioneren in een hiërarchie. Zo worden ze beter voorbereid op het echte leven."

Op een potentiële doelgroep van 14.500 BSO- en TSO-leerlingen in Vlaams-Brabant en het Nederlandstalig onderwijs in Brussel bereikt het RTC Vlaams-Brabant er tussen de vier- en vijfduizend per jaar, vooral in de 'harde' sectoren zoals elektriciteit, mechanica, hout, bouw en autotechnieken.

Noodkreet

Aan het einde van ons gesprek slaakt Simon Kusters een noodkreet. De RTC's worden namelijk zwaar getroffen door besparingen in het departement Onderwijs. "Voor 2015 zijn onze budgetten met meer dan de helft gereduceerd. Het is voor de minister makkelijker om een kleine organisatie in de rand van het onderwijs te treffen dan om bijvoorbeeld alle leraars één procent loon te laten inleveren, want dan gaan die staken. Wij hebben die impact niet." Kusters stelt dat RTC's op zich al een besparing zijn. "Zonder ons moet elke school apart investeren in machines of zelf op zoek gaan naar een partner in het bedrijfsleven. Wij kennen alle scholen en bedrijven in de regio en zorgen voor de contacten."

Simon Kusters sluit af met een warm pleidooi voor de opwaardering van het BSO en TSO. "Heel wat ouders met een achtergrond uit het ASO of de universiteit hebben weinig voeling met technische opleidingen en geloven nog altijd dat een ASO-diploma de beste kansen op werk biedt. Nochtans zijn bedrijven steeds op zoek naar goede techniekers."

(wv) - www.rtcvlaamsbrabant.be / www.asco.be

Meer info over Welke job past bij mij? , Opleidingen , Mobiliteit & transport , Jobs met toekomst

13/03/2015