Is starten onder je niveau een goed idee?

job onder niveau
"Wie een job onder niveau aanneemt, dreigt vast te komen zitten." (Stijn Baert, UGent)

Wie na afstuderen een job aanneemt onder zijn opleidingsniveau, steekt zichzelf stokken in de wielen. Dat blijkt uit een onderzoek van Universiteit Gent en HUBrussel.

Heeft het zin om na het schoolverlaten een job onder je studieniveau aan te nemen? En fungeert die job als springplank naar een job op dat niveau? Op die vragen wilden onderzoekers Dieter Verhaest (HUBrussel), Stijn Baert en Bart Cockx (UGent) een antwoord vinden. Wat blijkt? 34 tot 59 procent van de eerste jobs waarin Vlaamse schoolverlaters tewerkgesteld worden vereist een lager scholingsniveau dan datgene dat verworven werd.

Overscholing

Eerder onderzoek op dit terrein had aangetoond dat deze zogenaamde overscholing geen probleem hoefde te zijn. Baert, Cockx en Verhaest spreken dat tegen. ‘Op die studies was methodologisch heel wat aan te merken’, zegt Baert. ‘Onze studie is de eerste die het verschil bekijkt tussen bewust wat langer werkloos blijven of toch maar kiezen voor een job onder je opleidingsniveau.’

De conclusies van het trio zijn niet min. Wie na afstuderen een job aanneemt onder zijn studieniveau, doet er volgens de onderzoekers tot tien jaar over om door te groeien naar een job op niveau - gesteld dat je in tussentijd de competenties die je tijdens je opleiding verwierf, niet afleert. Het onderzoek kent nog een verbijsterende conclusie. ‘Op basis van simulaties ontdekten we dat de helft van de overgeschoolde werknemers binnen de drie maanden wél een passende job gevonden zou hebben.’

Alleen: veel schoolverlaters hebben niet de luxe om maandenlang de kat uit de boom te kijken. De wachttijd voor een inschakelingsuitkering werd begin dit jaar verlengd van 9 maanden naar 360 dagen. Wie die periode niet kan overbruggen met steun van bijvoorbeeld familieleden, kiest al snel eieren voor zijn geld en aanvaardt een job beneden zijn kwalificatieniveau. Een jobaanbieding weigeren is bovendien minder evident geworden: kon een afgestudeerde in het verleden gedurende een periode van zes maanden werk weigeren dat niet bij de scholing aansloot, is dat nu nog slechts drie maanden.

Verder zoeken

Een veel te korte termijn, stellen de onderzoekers onomwonden. ‘Bovendien impliceert die tendens ook een ongelijkheid tussen werkzoekende jongeren’, stelt Verhaest. ‘Wie thuis opgevangen wordt, kan wachten. Wie die kans niet heeft, wordt de facto gedwongen om eender welke job, aan te nemen.’ Al is het volgens Verhaest evenzeer waar dat wie na een jaar nog niet aan het werk is, weinig kans heeft om ooit die passende job te vinden.

‘Wie een job onder niveau aanneemt, is daarom niet ongelukkig’, zegt Baert. ‘Maar hij of zij dreigt wel vast te komen zitten in die job en nooit het niveau te bereiken waarvoor ze studeerden. Wie na twee maanden al in een job stapt, doet er misschien goed aan om wat verder te zoeken.’

Economische implicaties

De onderzoekers beseffen dat ongeduld veel pas afgestudeerden naar een job drijft waarvoor ze overgekwalificeerd zijn. ‘Er is de puur financiële drijfveer’, zegt Verhaest. ‘Maar werkloosheid heeft ook een psychologische weerslag. Een job zorgt voor structuur, sociaal contact en een zeker welbevinden.’

Overscholing heeft ook economische implicaties. Immers: efficiënt kun je het niet noemen. Baert: ‘De maatschappij investeert in de opleiding van jonge werknemers, maar eenmaal afgestudeerd kunnen ze die opgedane kennis vaak niet kwijt in hun werk.’

Verhaest vraagt de beleidsmakers om na te denken over hun activeringsbeleid. ‘Door de ingreep in de wachtuitkering gaan mensen sneller aan het werk en wordt de werkloosheid teruggedrongen. Daar kun je weinig op tegen hebben. De match tussen de capaciteiten van die jongeren en de banen die ze aannemen, is helaas minder goed. Dat moeten we ook onder ogen durven zien.’

(ml) / illustratie: (mvd)

Meer info over Waarom vind ik moeilijk een job? , Starters , Diploma's

22/08/2014