Internetcontrole: wat een werkgever niet mag

internet controle

De privacywetgeving beperkt de controlemogelijkheden op surfende werknemers. Werkgevers hebben het recht om na te gaan of hun personeelsleden tijdens de werkuren effectief aan het werk zijn en of ze hun pc, laptop of smartphone niet misbruiken om voor privéredenen op het internet te surfen of te mailen.

Maar hun controle- en sanctiemogelijkheden botsen op heel wat grenzen, bijvoorbeeld die van de Belgische privacywetgeving en op de rechtspraak door het Europees Hof voor de Rechten van de Mens en van het Hof van Cassatie en de arbeidshoven. Wat zijn volgens specialist Stefan Nerinckx de belangrijkste juridische richtlijnen?

Toestemming nodig

Een werkgever mag in geen geval onaangekondigd en/of onafgebroken het surf- en mailgedrag van zijn werknemers doorlichten. Pas na toestemming door de betrokken werknemer(s) mag diens internetgebruik in kaart worden gebracht, bijvoorbeeld door het aantal mails dat hij verstuurt op te lijsten of te meten hoeveel tijd hij op het internet doorbrengt.

De inhoud van de verstuurde of toegezonden mails van een werknemer mag niet worden gelezen. Tot de werknemer de mail zelf heeft geopend, valt de inhoud ervan onder het briefgeheim. E-mails onderscheppen mag ook al niet.

Zonder toestemming mag een werkgever geen lijst aanleggen van websites die een werknemer bezoekt. Ook documenten die door een werknemer op de harde schijf van zijn (bedrijfs)pc worden opgeslagen, mogen niet worden ingekeken.

Hoger belang

Werkgevers die zich niet aan deze regels houden en die de controle op het internetgebruik niet uitvoeren volgens de procedures die zijn vastgelegd in wetgeving en cao's, staan nergens. Bij een ontslag om dringende redenen - bijvoorbeeld van iemand die dagelijks urenlang op Facebook surft tijdens de werkuren - zullen de arbeidsrechtbanken de bewijsvoering als onrechtmatig verkregen bestempelen en nietig verklaren.

Alleen wanneer er sprake is van een 'hoger belang' - zoals het voorkomen van diefstal, het door de wet verboden surfen naar kinderpornosites of het verhinderen van informatieoverdracht aan concurrenten - kan een rechtbank de onrechtmatige controle door de vingers zien. Vrees voor een virusinfectie door onveilig surfgedrag is geen hoger belang.

Het opslaan en bijhouden van bezwarend materiaal, en het aanwijzen van wie daartoe toegang heeft, is eveneens aan strenge voorwaarden gekoppeld.

Bron: Standaard.biz 

Meer info over Computer en internet , Sociale media , E-mail , Privacy

26/04/2010