Ingenieurs en technici staan letterlijk voor hete vuren

Hoe lang moet het plafond van een publieke ruimte zoals een winkel officieel standhouden tijdens een zware brand? Niet minder dan 30 minuten, weten de technici en ingenieurs bij WFRGent (Warringtonfiregent). Voor de Gentse brandtestspecialist zijn technisch inzicht en -creativiteit basisvereisten. Belangstelling voor exotische chemische reacties is een troef.

26 januari 2018

Delen

“Innoveren op het vlak van brandpreventie.” (Peter Tack, Afdelingshoofd Weerstand tegen Brand WFRGent)

Dat hier met vuur gespeeld wordt, merk je aan de veiligheidschecklist aan het onthaal. Logisch, met verschillende ovens op het bedrijfsterrein die branden tot 1.200°C simuleren en hele interieurs met zetels, kasten, gordijnen en al tot as verpulveren. “Sinds 2005 zijn we een spin-off van de UGent”, zegt CEO Bart Sette.

“Via de internationale groep Element Materials Technology maken we deel uit van een 200-tal testlabo’s over de hele wereld: voor luchtvaartvoedselveiligheid, farmacie en dus ook voor brand. WFRGent is gespecialiseerd in passieve brandbeveiliging, onderverdeeld in brandreactie en weerstand tegen brand. Houden we een brand 30, 60 of 120 minuten tegen? Dat is de basisvraag. Op die basis classificeren we bouw- en constructiematerialen.” Hoe en wat wordt er getest – en wie zijn de testers?

1. Brandreactietests

“Hoe reageren individuele materialen op een beginnende brand? Een brand kent veel vormen en gradaties: wij testen dan of materialen smeulen, exploderen, branden of smelten … dat is de ‘reactie’. We testen voor bouw en voor transport, zoals treinen, schepen en vliegtuigen. De grote torenbrand in Londen in 2016 is een voorbeeld van onvoldoende op reactie getest materiaal: de brand sloeg over, de gevelbekleding vatte vuur. Zulke afschuwelijke rampen mee vermijden, is dé meerwaarde van wat we doen.”

“In België zijn er strengere eisen naarmate het om laag-, midden- of hoogbouw gaat. Net als voor hotels, ziekenhuizen en openbare gebouwen. De materialen betreffen bijvoorbeeld isolatiematerialen, rotswol en polyurethaanschuim. Die worden na tests ingedeeld in Europese brandreactieklassen van A1 tot F, naarmate hun (on)brandbaarheid.”

2. Brandweerstandstests

“Branddoorslag tegengaan is één ding, maar je wil ook de stabiliteit van je gebouw verzekeren. De WTC-torens in New York zijn ingestort door de brand die de dragende structuur aantastte, niet de door de impact van de vliegtuigen. Hier testen we brandwerende deuren, wanden, afdichtingen voor doorvoeringen zoals pvc-buizen of elektrische kabels op hun weerstandsvermogen voor toepassingen in ziekenhuizen en op cruiseschepen.”

“We testen ook de weerstand van elementen die delen van een gebouw dragen: er is een belasting tot 400 ton mogelijk op een kolom – een draagelement – om te testen hoe lang die tijdens een brand standhoudt.”

3. De testers

Bij WFRGent zijn een veertigtal mensen aan de slag, van bouwvakkers – voor de opbouw van de testopstellingen – tot ingenieurs. Bachelors bouwkunde en elektromechanica zijn ideaal als startende projectbegeleider, maar elke technisch geschoolde kracht kan hier werken”, zegt de CEO. Daarnaast hebben we ook administratief personeel, vertaalsters en medewerkers voor de Q en H&S afdelingen in dienst. “Voor de brandweerstandstest vragen we minimum kennis van Autocad en Engels. Je krijgt een intensieve opleiding, grotendeels ‘on the job’, die drie tot zes jaar kan duren om projectleider te worden. Dan bepaal je met je klant noden en proefprogramma. Er zijn ook consultants en specialisten in certificatie.

Peter Tack is van opleiding bachelor mechanica en Project Leader Fire Resistance – brandweerstand – bij WFRGent. Hij beaamt: “We kijken voorbij bouwkunde en elektromechanica. Heb je belangstelling en ben je technisch creatief, dan kan je met alle diploma’s bij ons aan de slag. We hebben een binnenhuisarchitecte, een productontwikkelaar, milieuexperts, chemici en ook afgestudeerden van de nieuwe International Master of Science in Fire Safety Engineering aan de UGent. Ook onze salesmensen hebben gespecialiseerde technische kennis opgedaan. Je werkt aan innovatie in brandpreventie voor de brede bouw-, constructie en transportmarkt. Als een test slaagt, is dat goed nieuws voor nieuwe, dikwijls lichtere materialen of recyclagegebruik. Zo leer je continu bij. Mijn eigen job? Veel contact met fabrikanten, collega’s opleiden en coachen, testverslagen nazien, technisch complexe proefprogramma’s uitwerken, assessments schrijven, klanten briefen – evengoed uit Dubai of Italië als uit Vlaanderen … heel afwisselend.”

Ingenieurs aan het werk
Met onze ervaring zijn we een kenniscentrum voor brandtesten geworden voor een bepaald type bouw of transportmiddel, benadrukt de CEO. “En tegen 2020 gaan we onze site nog sterk uitbreiden.”

De ene brand is de andere niet

“In onze brandweerstandsovens met ingebouwde branders simuleren we reële brandsituaties met meer of minder brandbaar materiaal in de opstelling”, zegt Peter Tack. “Onze grootste testoven meet zes bij drie meter. Daarbij is de ene brand de andere niet. Elk type omgeving en materialen heeft een eigen brandcurve, die hier aan de realiteit wordt getoetst.”

Smelt je als tester zelf niet van de hitte? “Dat valt goed mee”, zegt de projectleider. “Ook al volgen we het brandproces rechtstreeks, met het geteste bouwelement als enige afscheiding. Deze job is zoals vele andere nooit helemaal risicovrij, maar het beveiligingsniveau is bijzonder hoog. Via sensoren (thermokoppels) meten we de temperatuur, de vlamdoorslag wordt visueel gecontroleerd en het effect van belasting op bezwijking wordt inductief gemeten. Wat we allemaal testen? Vloerplaten, draagmuren, liftschachten- en deuren, functiebehoud van essentiële installaties tijdens de brand, deuren, kleppen, doorvoeren, ventilatiekanalen, beschermingen van stalen profielen, noem maar op. We testen ook voor de scheepvaart (IMO), dus ook scheepsdekken en schotten … Een schip kan je wat evacuatienoden betreft vergelijken met een hoog torengebouw, minstens even moeilijk dus. Goede compartimentering is essentieel”

Op videobeelden van een proef zien we een snel uitbreidende brand in een ruimte die perfect lijkt op een gezellige huiskamer. Gele en blauwe vlammen grijpen om zich heen. “Flash-over of vlamoverslag is het plotseling ontbranden van de hete ontbindingsgassen”, legt Peter Tack uit. “Heel gevaarlijk. Vanaf het ontbranden zit je in een huis- of cellulosebrand meteen aan 550°C. Na een half uur op 850°C en na een uur op 950°C, verder oplopend tot 1.200°C. In een industriële omgeving met koolwaterstoffen is de brandcurve veel steiler, de brand grijpt er veel sneller om zich heen. Dan heb je extra sterke thermische eigenschappen nodig voor het brandbeschermende materiaal. Geen twee branden zijn gelijk. Een manier om de brandbaarheid van een materiaal te meten? Standaard zit er 20,95% zuurstof in de lucht. Als er in de rookgassen geen zuurstof meer overblijft, dan weet je dat het hevig is geweest.”

(wdh) 

Ontvang de nieuwste tips over werk en carrière

Meer dan 440.000 Jobat gebruikers zijn wekelijks op de hoogte

Aanbevolen jobs

Wij jij ook meer verdienen, leukere collega's of minder file ?

De job werd bewaard

Je kan je bewaarde jobs terugvinden onderaan deze pagina, maar ook op de homepage en in Mijn Jobat.

Wil je ze ook op andere toestellen kunnen bekijken? Meld je dan aan.