Hr-managers vinden aanpassing index noodzakelijk

Hr-managers verwachten dat de nieuwe regeringsmaatregelen de arbeidskost zullen verhogen. 82 procent van hen vindt een herziening van de huidige loonindex ‘noodzakelijk’. Dat blijkt uit een enquête van advocatenkantoor Lydian.

20 februari 2012

Delen

Aanpassen index
"De regeringsmaatregelen rond personeelsbeleid zijn halfslachtig, overhaast en niet altijd overdacht. Men heeft kansen laten liggen om fundamentele hervormingen door te voeren" (Jan Hofkens, advocatenkantoor Lydian)

Het advocatenkantoor voerde begin 2012 een online bevraging uit onder zijn klanten (voornamelijk grote ondernemingen uit Vlaanderen, Brussel en Wallonië). Ongeveer honderd hr-managers uit diverse sectoren en bedrijven beantwoordden vragen over hoe zij de nieuwe beleidsmaatregelen ervaren die met personeelsbeleid te maken hebben.

De regering Di Rupo I krijgt geen goed tussentijds rapport van de hr-specialisten. Driekwart van de hr-managers vindt dat ze over onvoldoende informatie beschikken over de maatregelen die de nieuwe regering neemt. En wat ze erover weten, staat hen allesbehalve aan. 61 procent evalueert de nieuwe opzegtermijn voor arbeiders als negatief. 77 procent maakt zich zorgen over het effect van de maatregelen op het investeringsklimaat en maar liefst 88 procent vreest dat de maatregelen de kost van de arbeid verder de hoogte in zullen jagen. De schaarse positieve noten betreffen onder andere het terugschroeven van het tijdskrediet en de loopbaanonderbreking. Ook denkt men dat er in de toekomst meer goedkope bedrijfswagens zullen worden aangeschaft.

Geen vereenvoudiging

Adovcaat Jan Hofkens, gespecialiseerd in arbeidsrecht, was als managing partner van advocatenkantoor Lydian betrokken bij de totstandkoming van de enquête. ‘In plaats van te vereenvoudigen, maken de nieuwe maatregelen de wet ingewikkelder. Dat leidt tot onzekerheid over de beoogde effecten en onvermijdelijk tot discussies en betwistingen. De regeringsmaatregelen rond personeelsbeleid zijn vaak halfslachtig, overhaast en niet altijd overdacht. Men heeft kansen laten liggen om meer in de diepte te gaan en fundamentele hervormingen door te voeren voor de arbeidsmarkt en rond loonvorming.’

Loonindexering

Jan Hofkens haalt een aantal problemen die in de enquête worden aangestipt naar voren. ‘Hr-managers vrezen dat het door bijkomende administratieve rompslomp nog duurder wordt om mensen in dienst te hebben. Tegelijk wordt het moeilijker gemaakt om zelfstandigen in te huren. Bovendien is de loonkost zelf niet onder controle te houden omdat het systeem van de automatische indexering tot nader order blijft bestaan.’

Een grote meerderheid van de bevraagde hr-managers (82%) bestempelt een herziening van het systeem van de loonindexering als ‘noodzakelijk.’ Wat een valabel alternatief voor de loonindexering zou kunnen zijn, daarover lopen de meningen uiteen, maar één model krijgt een derde van de bevraagden achter zich: een jaarlijkse index op basis van de economische groei in eigen land en de loonstijging van de buurlanden. Dat is het model dat ook in Nederland wordt gehanteerd, stipt Hofkens aan.

Schijnzelfstandigen

Hr-managers schrikken er in het licht van de nieuwe wetgeving voor terug om zelfstandigen in te schakelen. Het nieuwe regeerakkoord verklaart de jacht op schijnzelfstandigen opnieuw voor geopend.

Een stap terug in de tijd, vindt Jan Hofkens. 'Door een vereenvoudiging van de wet in 2006 werd het veel eenvoudiger voor werkgevers om met zelfstandigen samen te werken. Een zelfstandige is goedkoper en flexibeler qua arbeidsvoorwaarden. Het statuut biedt vaak voor beide partijen voordelen. Steeds minder mensen werken nog van 9 tot 5 voor één en dezelfde opdrachtgever. Maar door het gebruik van het zelfstandigenstatuut loopt de overheid inkomsten mis in de sociale zekerheid. Men wil de sociale inspectiediensten een wapen in handen geven om zogenaamde schijnzelfstandigen te klissen.'

'Economische elementen die wijzen op afhankelijkheid - vaste uren werken, geen aandeelhouder zijn, niet autonoom beslissen over de prijzen - zullen terug gebruikt kunnen worden om een vermoeden van werknemerschap te formuleren. De bewijslast van het tegendeel ligt bij de opdrachtgever en de zelfstandige medewerker. Dat is problematisch voor wie via een managementsvennootschap factureert, wie geen aandeelhouder is of wie bijna exclusief voor één opdrachtgever werkt. We dreigen terug heel veel betwistingen en procedures te zien, net zoals voor 2006.'

Niet voorbereid

De nieuwe opzegtermijn voor wie vanaf 2012 in dienst komt, wordt wel op instemming onthaald. 'De hr-managers zijn tevreden over de voorspelbaarheid van het nieuwe systeem', zegt Hofkens. 'Eindelijk is er duidelijkheid over een vaste opzegtermijn en komt er een einde aan de onvoorspelbare discussie over de formule Claeys.'

De strijd om het vergrijzende personeelsbestand aan het werk te houden daarentegen is nog lang niet gewonnen. Hr-managers staan weliswaar positief tegenover de maatregelen rond de afbouw van het brugpensioen, de verhoging van de pensioenleeftijd naar 62 en de beperking van de werkloosheid in de tijd als middel tot activering. Maar 47 procent van de bedrijven verklaart niet voorbereid te zijn op de vergrijzing van de werknemers en de helft is niet voorbereid op een werkgelegenheidsplan zoals de op tafel liggende programmawet voorschrijft.

(jb) 

Ontvang de nieuwste tips over werk en carrière

Meer dan 440.000 Jobat gebruikers zijn wekelijks op de hoogte

Aanbevolen jobs

Wij jij ook meer verdienen, leukere collega's of minder file ?

De job werd bewaard

Je kan je bewaarde jobs terugvinden onderaan deze pagina, maar ook op de homepage en in Mijn Jobat.

Wil je ze ook op andere toestellen kunnen bekijken? Meld je dan aan.