Hoeveel minder verdient Belgische vrouw nog steeds?

Vrouwen verdienen jaarlijks maar liefst 22 procent minder dan hun mannelijke collega’s. In totaal verdienden ze zo 3,415 miljard euro te weinig. De belangrijkste boosdoener: deeltijds werk. Dat blijkt uit het Loonkloof Rapport 2015.

18 juni 2015

Delen

De loonkloof blijft duidelijk bestaan. Vrouwelijke werknemers, die samen 47,50 procent van de actieve populatie vormen, nemen 43,31 procent van de werkdagen voor hun rekening. Daarvoor ontvingen ze slechts 40,22 procent van de totale loonmassa. In dat opzicht hadden ze in 2012 (de meest recent beschikbare gegevens) 7,972 miljard euro meer moeten verdienen. Houden we rekening met hun aandeel in de betaalde werkdagen, dan kregen ze nog steeds 3,415 miljard euro te weinig.

Elk jaar berekenen het Instituut voor de gelijkheid van mannen en vrouwen en de FOD Werkgelegenheid Arbeid en Sociaal Overleg de loonkloof tussen mannen en vrouwen. De cijfers komen van de Algemene Directie Statistiek – Statistics Belgium van de FOD Economie, KMO, Middenstand en Energie en het Federaal Planbureau.

Vrouwen verdienen per jaar 22 procent minder

Berekend op basis van het uurloon is de loonkloof gedaald. In 2012 verdiende een vrouwelijke werknemer per uur gemiddeld 9 procent minder dan haar mannelijke collega. Dat is een daling met 2 procent ten opzichte van 2009, en 1 procent in vergelijking met 2011.

Berekenen we de loonkloof op basis van het jaarloon in plaats van het uurloon, dan moeten we spreken van een stagnatie. Per jaar kregen vrouwen nog steeds 22 procent minder loon dan hun mannelijke collega’s, hetzelfde cijfer als in 2011.

Vrouwen in overheid verdienen meer dan in privé (maar nog altijd tot 17% minder dan de mannen)

In de privésector verdienen vrouwelijke arbeiders per uur 20 procent minder dan hun mannelijke collega’s. Vrouwelijke bedienden moeten het met 23 procent minder doen. In de publieke sector valt er voor de uurlonen amper een verschil op te tekenen. Voor de jaarlonen is dat wel het geval. Dan verdienen contractuele en statutaire ambtenaren van het vrouwelijke geslacht respectievelijk 17 en 9 procent minder. Ook in de privé wordt de kloof dan groter. Vrouwelijke arbeiders krijgen 38 procent minder, vrouwelijke bedienden 34 procent.

Vrouwen benadeeld door deeltijds werk

Het verschil tussen uur- en jaarlonen zit ’m in de factor deeltijds werk. Uit de rapporten van 2013 en 2014 bleek het al, en ook in het rapport van dit jaar komt het terug: de kloof tussen voltijds en deeltijds werk wordt groter. De genderkloof speelt een steeds minder grote rol, wat goed nieuws is. Maar er komt wel een arbeidsmarkt met twee snelheden, met comfortabel voltijds werk en minder interessant deeltijds werk. En net in die tweede groep zijn vrouwen oververtegenwoordigd.

Per uur verdient een deeltijds in de industrie en marktdiensten werkende vrouw gemiddeld 6,5 procent minder dan een deeltijds werkende man. In vergelijking met een voltijds werkende man en vrouw is dat respectievelijk 21,1 procent en 15,9 procent minder. Het verschil tussen deeltijds werkende vrouwen en mannen neemt af, maar het verschil met voltijds werkende vrouwen wordt groter.

Het aandeel mannen in de deeltijdse sector is in vergelijking met 1999 met 120 procent gestegen. Bij vrouwen is dat slechts 16 procent. Maar het aandeel vrouwen is wel nog altijd het grootste: 46,2 procent van de dames werkt deeltijds tegenover slechts 10,1 procent van de mannen.

Minder extralegale voordelen voor vrouwen

Naast het vaste loon zijn er de extralegale voordelen. En ook daar moeten vrouwelijke werknemers het met minder doen. Zo’n 13 procent van de mannen kan rekenen op een aanvullend pensioen ten opzichte van slechts 9 procent van de vrouwen. Bovendien liggen de bijdragen die een werkgever uitbetaalt dan ook nog eens 39 procent lager bij vrouwen.

Ook voor het woon-werkverkeer ligt de vergoeding voor vrouwen zo’n 15 procent lager. Gaat het over aandelenopties, dan maken mannen twee keer zoveel kans. En bij vrouwen liggen de bedragen ook nog eens 39 procent lager.

Verschillen tussen jobs

De loonkloof tussen mannen en vrouwen blijkt ook afhankelijk van het soort job. Zo zijn vrouwen in de luchtvaartsector het slechtst af, daar verdienen ze tot 33 procent minder.

Ook de volgende sectoren zijn niet ideaal voor vrouwelijke werknemers:

  • de productie en distributie van elektriciteit, gas, stoom en gekoelde lucht;
  • de vervaardiging van informaticaproducten en van elektronische en optische producten;
  • de vervaardiging van kleding;
  • de ondersteunende activiteiten voor verzekeringen en pensioenfondsen.

Minder vrouwen in leidinggevende jobs

Er zijn ook te weinig vrouwen aanwezig in leidinggevende jobs: hoewel 47,5 procent van de actieve populatie vrouwelijk is, ligt de verhouding mannen versus vrouwen in een hogere functie op 65 versus 35.

Loonkloof neemt toe met de leeftijd

Dan zijn er nog enkele andere factoren die meespelen. Zo neemt de loonkloof toe met de leeftijd. Bij 55-plussers ligt het percentage op 21 procent, terwijl dat bij 45- tot 54-jarigen 14 procent is. Ook het opleidingsniveau is een belangrijke factor. De loonkloof blijft het grootste bij hogeropgeleiden.

Buitenlandse vrouwen scoren het slechtst

Nog een gegeven: nationaliteit. Voor werknemers uit de Maghreblanden en de rest van Afrika liggen de lonen het laagst. En ook daar blijven de verschillen tussen mannen en vrouwen aanwezig. De vrouwelijke werknemers uit de Maghreb en zwart-Afrika verdienen respectievelijk 12 en 9 procent minder dan hun mannelijke tegenhangers. Vrouwen uit Maghreblanden verdienen met gemiddeld 12,33 euro bruto het minste.

Een positieve noot?

Kunnen we eindigen met een positieve noot? Toch wel. Bekijken we het op langere termijn, dan kunnen we alleen maar vaststellen dat de loonkloof de voorbije vier decennia gehalveerd is.

Nog een positieve tendens: terwijl de werkzaamheidsgraad bij mannen in 2012 licht afgenomen is, doen vrouwen het in 2012 beter dan in 2011. Al is er daar wel weer de kanttekening dat vrouwen vooral meer werk vinden in de deeltijdse sector.

Daarnaast stijgt het aandeel vrouwen in de beter betaalde jobs ook. In 2007 verdiende 3,7 procent van de werkende vrouwen meer dan 5.000 euro bruto per maand. In 2012 is dat toch al 7,5 procent. Wel weer een kanttekening: bij mannen steeg dat aandeel op dezelfde periode van 6,1 naar 10,5 procent.

(mr) 

Ontvang de nieuwste tips over werk en carrière

Meer dan 440.000 Jobat gebruikers zijn wekelijks op de hoogte

Aanbevolen jobs

Wij jij ook meer verdienen, leukere collega's of minder file ?

De job werd bewaard

Je kan je bewaarde jobs terugvinden onderaan deze pagina, maar ook op de homepage en in Mijn Jobat.

Wil je ze ook op andere toestellen kunnen bekijken? Meld je dan aan.