Het bewijs dat jij al lang opslag verdient

Opvallend is dat er al enkele jaren nauwelijks ruimte lijkt te zijn voor reële loonsverhogingen. Nochtans verdienen we al lang opslag, en dat is geen economische zelfmoord. Integendeel.

"Gemiddeld gesproken zijn landen met hoge loonkosten ook de landen met een groot concurrentievermogen. Hoge loonkosten zijn dus geen obstakel voor een groot concurrentievermogen, ze bevorderen dat juist", vertelt Professor Paul De Grauwe in zijn boek ‘De limieten van de markt'.

Loonsverhogingen dus louter als een kost zien die koste wat het kost zo laag mogelijk moet gehouden worden, zal ons dus niet uit de crisis halen.

Pessimisme in stand houden

Wat al de op besparingen gerichte overheden vergeten, is ook het psychologische effect van deze slecht-nieuws-show. De rekeningen moeten in het oog gehouden worden. Natuurlijk, niemand die dat betwist. Maar de aanhoudende financiële crisis en het daar aan gekoppelde besparingsverhaal en loonmatiging van de overheden heeft ervoor gezorgd dat bedrijven en consumenten weinig vertrouwen hebben in de toekomst. Dit pessimisme heeft tot gevolg dat veel bedrijven niet of weinig investeren. Pessimistische consumenten blijven sparen ondanks de lage rentevoeten. Hetzelfde gebeurt met de bedrijven. Zolang die pessimistisch blijven, investeren of consumeren consumenten en bedrijven niet. Pas wanneer dit omdraait, zullen we uit de crisis geraken. Daarvoor moet de overheid investeren en optimisme uitstralen, en dat is meer dan enkel oog hebben voor de begroting en loonmatiging.

"Elke twee jaar onderhandelen de sociale partners in ons land over een centrale loonnorm die wordt vastgelegd in een zogenaamd 'interprofessioneel akkoord' (IPA). Deze keer verliepen de onderhandelingen onder moeilijk gesternte, gezien de halsstarrigheid waarmee de regering vasthield aan de voorziene indexsprong", schrijft Olivier Pintelon van denktank Poliargus in zijn opiniestuk in Knack.

"Uiteindelijk gingen werkgevers en sommige vakbonden akkoord met een brutoloonsverhoging van ongeveer 0,37%, naast enkele nettoverhogingen (waaronder het optrekken van de maaltijdcheques van zeven naar acht euro). Opvallend is dat er al enkele jaren nauwelijks ruimte lijkt te zijn voor reële loonsverhogingen. Het recentste tegenvoorbeeld was het IPA 2009-2010 met de (hogere) maaltijd- en ecocheques."

Lonen zijn niet louter een kost

Maar is dit wel de juiste strategie? “Om het één en ander historisch te plaatsen, keren we terug naar het Zweden van begin de jaren '50. Daar legden twee (beroemde) economen - Gösta Rehn en Rudolf Meidner - de basis voor een theorie die jarenlang het fundament zou zijn voor de loonpolitiek in verschillende West-Europese welvaartsstaten”, aldus Olivier Pintelon van denktank Poliargus in zijn opiniestuk in Knack.

"De Zweedse arbeidsmarkt werd tot begin de jaren '90 bestuurd volgens hun principes. De centrale thesen klinken als een complete negatie van de neoliberale mantra's die we al enkele decennia horen. Lonen werden niet zomaar aanzien als kost, maar als motor van de macro-economische vraag en de herverdeling. Een centraal geleide loonpolitiek moest ervoor zorgen dat lonen gelijke trend hielden met de stijgende productiviteit."

Maar omwille van uiteenlopende redenen zijn de lonen in de meeste westerse landen niet gelijkmatig gegroeid met de productiviteit. Een van die redenen is het besparingsverhaal dat tijdens de financiële crisis gemeengoed werd.

Arbeid vs Verloning

Bron: express.be 

"Het Rehn-Meidnermodel ging uit van een positieve spiraal waarbij de toenemende productiviteit de lonen liet stijgen en waarbij vervolgens de loonkost zich vertaalde in toenemende productiviteit. Bij een hoge loonkost zijn bedrijven immers verplicht om te innoveren. Dure arbeid werd niet aanzien als een kwaal, maar was het resultaat van een doelbewuste politiek. De solidaire, centrale loonzetting zorgde ook voor een beperkte loonongelijkheid. In de jaren '80 werd er zelfs geëxperimenteerd met omvangrijke winstdeling door werknemers", vertelt Olivier Pintelon.

"Begin de jaren '90 maakte echter ook Zweden zijn U-turn in richting van de nieuwe neoklassieke mainstream: lonen als 'kost'."

"Is het Rehn-Meidnermodel outdated? Nee of toch niet volledig. Ook hedendaagse economen beschouwen loonmatiging als een rem op innovatie, waaronder Alfred Kleinknecht en Paul De Grauwe."

Daarenboven is vandaag de Kaldorparadox nog steeds van toepassing. De gelijknamige econoom stelde vast dat de landen met de grootste competitiviteit de hoogste loonkosten hadden. Loonmatiging lijkt echter nog meer kwalen te veroorzaken. Een stijgende ongelijkheid is een reëel risico, aangezien loonmatiging sterker werkt aan de onderzijde van de arbeidsmarkt. Voor werknemers met een 'gewild profiel' zijn er immers vele achterpoortjes. Ze zijn de facto minder gebonden aan de officiële loonbarema's.

"En toch moet de theorie ook geüpdatet worden. Sinds de jaren '70 nam de tewerkstelling in de dienstensector spectaculair toe. Het zwaartepunt verschoof onder meer van sectoren waar de machines de productiviteit dicteerden naar persoonlijk diensten waar de productiviteit trager toeneemt - denk maar aan de kappers of de kinderverzorgers."

"Een hedendaagse vertaling zet in op een centraal onderhandelde en reële loonsverhoging, maar met de nodige compensaties voor de zwakke profielen in de dienstensector. Dat is de enige weg die gelijkheid, innovatie en werkgelegenheid combineert", aldus Olivier Pintelon van denktank Poliargus.

Conclusie?

Reële loonopslag is dus niet per definitie slecht voor onze economie. Economisch en psychologisch zijn er dus redenen om wel loonsverhogingen door te voeren. Er wordt mensen heel veel schrik aangepraat door de op besparingen gerichte overheden, en pas als dit pessimisme plaats ruimt voor optimisme, en bedrijven en consumenten weer gaan investeren en consumeren, kunnen we hopelijk eindelijk uit de crisis geraken.

Het bewijs dat we dus al lang opslag verdienen. Dat dit geen fictie is, bewijzen deze voorbeelden.

Amerika’s belangrijkste werkgever Walmart beloofde in februari een loonsverhoging voor 500.000 van zijn 1,4 miljoen werknemers. Anderen volgen... In Japan kondigde Toyota aan dat het snel de grootste loonsverhoging in de recente geschiedenis zal doorvoeren, net als IG Metall, Duitslands grootse vakbond in februari, die een loonsverhoging van 3,4% wist af te dwingen voor zo’n 800.000 leden.

(mr) 

Meer info over Loonindexering , Hoeveel ben ik waard? , Meer/minder verdienen , Evaluatie

31/03/2015