Anseel & Denys

Gelijke kansen? De ene kansengroep is de andere niet

“De positie van vrouwen is de voorbije decennia spectaculair verbeterd. Toch blijven ze zich als kansengroep manifesteren” (Jan Denys, arbeidsmarktdeskundige Randstad en auteur van ‘Free to work’ en ‘Uw werk, uw merk’)

In de media vond de voorbije weken een heftig debat plaats over het gebrek aan vrouwen aan de top. Of quota daar niets aan konden veranderen? Op Twitter stelde een journalist zich de vraag waarom ‘quota voor vrouwen’ steeds een maatschappelijk debat opleveren terwijl ‘quota voor allochtonen’ op algemeen stilzwijgen stuiten. ‘Dat komt omdat er sprake is van een pikorde bij de verschillende kansengroepen op de arbeidsmarkt’, aldus arbeidsmarktdeskundige Jan Denys. ‘De ene kansengroep is de andere niet.’

2 kansengroepen

Op één staan de vrouwen. De positie van vrouwen is de voorbije decennia spectaculair verbeterd. Vrouwen halen niet alleen betere schoolresultaten, hun instroom op de arbeidsmarkt verloopt ook beter. Na één jaar zijn minder vrouwen werkloos dan mannen en dit ongeacht het studieniveau. Toch blijven vrouwen zich als kansengroep manifesteren. De problematiek gaat nu niet meer over het hebben van werk maar over gelijk loon voor gelijk werk en over het miniem aantal vrouwen in de hogere maatschappelijke posities. Talloze lobbygroepen en sterke netwerken slagen erin om deze thema’s bijna constant in de media en dus ook op de maatschappelijke agenda te krijgen.

Op twee staan de allochtonen. De relatieve verbetering van de positie van allochtonen op de arbeidsmarkt is niet vergelijkbaar met deze van de vrouwen. België (en Vlaanderen) blijven het in deze ook in internationaal opzicht slecht doen. De allochtonenverenigingen slagen er veel minder dan vrouwen in om constant in de media te komen maar de ruimte die ze innemen is ontegensprekelijk veel groter geworden. Ook het politiek gewicht is toegenomen.

Jongeren met stip

Op de derde plaats vinden we de 50-plussers. Het aandeel 50-plussers neemt zowel relatief als absoluut toe sinds het einde van de jaren ’90. Maar de kans voor een 50-plusser om bij werkloosheid opnieuw in te treden, ligt nog steeds zeer laag. Als doelgroep halen 50-plussers veel minder de media dan vrouwen en allochtonen hoewel hierin naar aanleiding van de pensioenhervorming wat verandering is opgetreden. 50-plussers kunnen voorlopig ook niet rekenen op echte militante verenigingen vergelijkbaar met deze van vrouwen en allochtonen.

Na de vrouwen, de allochtonen en de 50-plussers manifesteren zich ook nog de arbeidsgehandicapten. Daarmee is het lijstje niet afgewerkt. Er zijn nog groepen die negatief afwijken van de norm. Een kansengroep die zich misschien in de toekomst kan manifesteren, is deze van de jongeren. Indien de economie langdurig in recessie gaat zal de arbeidsmarkt daar de gevolgen van ondervinden en dan zullen de jongeren als nieuwkomers op de arbeidsmarkt daar de gevolgen van ondervinden. In dergelijk geval is het waarschijnlijk dat de groep snel doorstoot naar de nummer twee positie na de vrouwen maar voor de allochtonen en 50-plussers.

(jd) 

Meer info over Discriminatie

02/03/2012