Nieuw

Ruth Lasters
Ruth Lasters is leerkracht Frans in Borgerhout. Vorig jaar verscheen haar tweede roman Feestelijk Zweet.

Iedereen wordt verondersteld alwetend te zijn bij Keyzers Koperdraad. Het bedrijfscredo luidt immers: ‘Als je iets niet weet, moet je het maar vragen.’

Maar nieuweling Fabio Weyns weet niet eens wat hij allemaal niet weet en heeft bijgevolg geen flauw idee hoe het te weten te komen. Tijdens zijn opleiding - nou ja, opleiding, de periode waarin het hem wordt gepardonneerd nog niet van alles op de hoogte te zijn - is hij zelfs verplicht om elke dag minstens één vraag te stellen aan Marcel Vermees die daarvoor tussen 16u45 en 17u30 in een apart lokaaltje zit.

Vermees schrijft elke vraag in een register, alvorens een kort antwoord af te vuren of volstrekt te blijven zwijgen. Op volgende vragen antwoordt Marcel immers niet: op al te eenvoudige zaken die eender wie van de firma kan uitleggen en die dus zonde zijn van zijn zittijd, op al te brede kwesties met zijvragen en op vragen die nog niet in zijn register staan omdat ze hem in twintig jaar nooit zijn gesteld, en die hij daarom beschouwt als onnodig, niet ter zake doend. Verder is hij de hulpbereidheid zelve.

Door Vermees’ strikte regelgeving is Fabio reeds na de zesde dag uitgevraagd, wat hem een scheurstrookje met het woord ‘voltooid’ oplevert. Fier bijt Fabio op zijn lip in plaats van de vraag te stellen die hem al een poos kwelt: of het echt de gewoonte is om als nieuweling iedereen te trakteren binnen het bedrijf, zoals zijn collega’s beweren. Het zekere dan maar voor het onzekere nemend, rijdt Fabio af en aan tussen de firma en superette Jeanine om elke bediende en koperarbeider een mellowcake te kunnen schenken, met neergeslagen blik ‘traktatie’ mompelend. Bijna meteen duiken er overal mannetjes op van op elkaar geperste mellowcakes, met ogen van duimspijkers en in de productiehal bengelen er zelfs smeltende chocoladegedrochten aan koperdraadstroppen.

Verontwaardigd concentreert Fabio zich dan maar op wat hij wél doorgrondt, of toch enigszins: zijn job. Niet wetend welke paperassen precies moeten worden bewaard en welke vernietigd, besluit hij om van elke stapel exact de helft te klasseren en de helft te versnipperen, zichzelf bewonderend om zulke creatieve problem solving. Met evenveel overgave stort hij zich daarna op de uitgaande post, de prikklokkaarten van de arbeiders - onontbeerlijk voor de loonberekening - per ongeluk versturend met de reclamefolders.

Geen paniek, Fabio regelt het, Fabio lost het op, hij reist de prikklokkaarten achterna op zijn recupdag, zoekt ze terug bij de klanten. Er blijft er slechts één spoorloos en dus betaalt hij die ene arbeider royaal, om zo klachten uit te sluiten. Maar een dag na de storting, stormen alle andere fabrieksarbeiders de personeelsdienst binnen, razend om die financiële oneerlijkheid. Om de gemoederen te bedaren, zet Fabio de overschot van zijn traktatie op tafel, waarop een mellowcakeoorlog losbarst die aan een sneeuwballengevecht doet denken, in de verkeerde kleur, in het foute seizoen, met minder wegsmeltende gevolgen, weet hij.

(rl) 

09/09/2011

  • 09 september 2011