Column

Balans

Ruth Lasters
Ruth Lasters is leerkracht Frans in Borgerhout. Vorig jaar verscheen haar tweede roman Feestelijk Zweet.

Geachte meneer Sluys,

Wij hebben elkaar eens ontmoet op het personeelsfeest waar ik mee naartoe moest van mijn man, maar verder zijn wij volstrekt vreemden voor elkaar. U gaf mij toen een nogal slappe, warme hand. De handdruk van een baas die vrij relaxed door het leven gaat, heb ik toen gedacht en ook daarna, toen mijn echtgenoot weer thuiskwam met een hals vol stresseczeem en nagels zo kort en vliezig als hespranden, stonden uw ontspannen vingers mij bij.

Weet u, meneer Sluys, soms droomt mijn man van pure stress dat uw bedrijf zo groot is dat het het godganse aardoppervlak beslaat. Hij ziet zichzelf dan door dat eindeloze gebouw lopen, op zoek naar ons huis, dat in elkaar gedeukt achterin de kilometershoge productiehal staat.

U zal inmiddels wel uw ceo-voorhoofd fronsen en denken dat een brief van de vrouw van een van uw werknemers u onmogelijk kan aanbelangen. U vergist zich.

De overspannenheid van mijn man, ‘uw’ werkkracht, kost ‘mijn’ gezin namelijk massa’s geld, meneer Sluys. Meer dan de gsm-rekening, het filmkanaal en het kartingabonnement van onze pubers, Brian en Tasha, samen. Jaren geleden ben ik dan ook een plakschrift gaan bijhouden van de stressuitgaven van onze Patrick. Links heb ik steeds de afbeeldingen gekleefd van de voor hem aangekochte ontspanningsmiddelen, gaande van een automatisch verstelbaar bed tegen zijn slapeloosheid, een loopband, een trilplaat tot zelfs ingebouwde sauna.

Rechts in het plakboek kleven plaatjes van alles wat ons gezin moet missen door al die relaxatietroep, meneer Sluys, zoals een game console voor onze Brian, citytrips voor mij en een nieuwe, blauwe Vespa voor Tasha.

U ziet toch ook wel in hoe oneerlijk het is, dat spanningen veroorzaakt door uw firma, deels bekostigd worden met mijn loon, dat verdiend is op een geheel andere werkvloer.

Ik heb dan ook ooit op het punt gestaan om u mijn plakboek op te sturen, ten einde u op de hoogte te stellen van dit onrecht. Maar onze Patrick smeekte toen om u er niet mee lastig te vallen. Sindsdien verhelpt hij die oneerlijkheid zelf, door zo nu en dan wat scharnieren en werktuigen mee te nemen uit uw magazijn, die hij dan daarna verkoopt in kringen waar zulke spullen altijd van pas komen. Geen vijs te veel werd er ooit meegegraaid, meneer Sluys, dat verzeker ik u, alleen het strikt noodzakelijke om onze uitgavebalans te herstellen. Een efficiënt systeem was het, dat zal ook u wel beamen, tot mijn man er alleen nog gestresseerder door werd, doodsbenauwd dat u hem zou betrappen op het ontvreemden van materiaal en hem, onwetend in deze, voor ordinaire dief zou aanzien, de gedachte alleen al.

Daarom voel ik mij genoopt om het voor eens en altijd officieel te regelen en een maandelijkse financiële tussenkomst van uwentwege te vragen. Onze Patrick schreeuwt moord en brand terwijl ik dit schrijf, maar ik zie voor mij hoe de frons van zonet van uw voorhoofd verdwijnt en plaatsmaakt voor een glimlach vol gemoedelijkheid, die ik ook al voelde in uw handdruk.

Hoogachtend,
Vera

04/11/2011

  • 04 november 2011