Aan wie gaf Vlaanderen 30.000 arbeidskaarten?

Arbeidskaart

29.909 arbeidskaarten reikte het Vlaams Gewest in 2010 uit. Met zo’n arbeidskaart kunnen niet EU-onderdanen bij ons in loondienst aan de slag. Maar naar wie gaan die arbeidskaarten precies? En wat wordt ermee gedaan?

Van de 18.188 arbeidskaarten B die het afgelopen jaar in Vlaanderen werden uitgereikt – zo’n 3.000 minder dan in 2009 – gingen er 11.194 naar arbeidskrachten uit de twee nieuwe EU-lidstaten, Roemenië en Bulgarije, voor tewerkstelling in knelpuntberoepen. Daarnaast vormen ook de hooggeschoolde en leidinggevende arbeidsmigranten in deze categorie een belangrijke groep, met respectievelijk 2.890 en 1.040 uitgereikte arbeidskaarten.

De 11.666 arbeidskaarten C - bedoeld voor mensen die naar ons land migreerden om andere redenen dan tewerkstelling - gingen voornamelijk naar kandidaat-vluchtelingen (4.100) en naar personen in het statuut ‘tijdelijk verblijf met Bewijs van Inschrijving in het Vreemdelingenregister’ (2.858). In het kader van gezinshereniging werden er 1.567 arbeidskaarten uitgereikt. Het aantal arbeidskaarten C voor studenten die niet tot de EER (Europese Economische Ruimte) behoren, blijft al enkele jaren constant en klokte in 2010 af op 1.808.

Seizoensarbeiders en uitzendkrachten

Vanaf januari 2010 kunnen asielzoekers die zes maanden na de indiening van hun asielaanvraag nog geen beslissing hebben gekregen van het Commissaris-generaal voor Vluchtelingen en Staatlozen werken met arbeidskaart C. Die nieuwe maatregel verklaart meteen de opvallende stijging van het aantal kandidaat-vluchtelingen met zo’n arbeidskaart C: 4.100 in 2010 tegenover 855 in 2009.

Het aantal afgeleverde arbeidskaarten geeft overigens geen beeld van het aantal buitenlandse werknemers dat in Vlaanderen tewerkgesteld is. Veel buitenlanders, zoals EU-onderdanen of buitenlandse echtgenoten van Belgen, hebben geen arbeidskaart nodig. Andere werknemers vragen verschillende arbeidskaarten per jaar aan. Het gaat dan bijvoorbeeld om seizoensarbeiders in de fruitpluk of om uitzendkrachten.

Onzekere jobs en dagcontracten

Hoeveel van de 30.000 uitgereikte arbeidskaarten effectief worden gebruikt, is onduidelijk. Navraag bij de RSZ leert dat Dimona (De onmiddellijke aangifte van tewerkstelling) enkel contracten registreert. Of een werknemer al dan niet aan de slag gaat met een arbeidskaart, wordt niet bijgehouden. Bij controle op de werkplek moet de kaart wel getoond kunnen worden.

Jan Verbeke, directeur van uitzendbedrijf Synergie Belgium, schat het aantal ‘actieve’ arbeidskaarten op zo’n 20.000 in België, wetende dat Synergie momenteel 800 werknemers met een arbeidskaart tewerkstelt en vier procent van de markt vertegenwoordigt.

Werknemers met een arbeidskaart komen vaak in uitvoerende jobs terecht, aldus Verbeke. Meestal werken ze met tijdelijke of dagcontracten. Onzekere jobs dus, maar wie met een arbeidskaart C werkt, is die bij een negatieve beslissing in zijn asielaanvraag ook meteen weer kwijt.

Het abc van de arbeidskaart

Arbeidskaart A
Werknemers met een arbeidskaart A mogen eender welk beroep in loondienst bij om het even welke werkgever uitoefenen, en dit voor een onbepaalde duur. De kaart is aan zeer strikte voorwaarden gebonden. Enkel bepaalde categorieën van buitenlandse werknemers die al meerdere jaren in België hebben gewerkt met een arbeidskaart B komen in aanmerking.
In 2010 werden er 55 arbeidskaarten A toegekend.

Arbeidskaart B
De arbeidskaart B is de arbeidskaart voor arbeidsmigranten, mensen die naar België komen om hier te werken. De kaart is geldig voor één welbepaalde functie bij één welbepaalde werkgever, en dat voor een periode van maximum 12 maanden. Behalve in bepaalde uitzonderingscategorieën moet de aanvraag door de werkgever worden ingediend terwijl de vreemdeling zich nog in het buitenland bevindt. In de praktijk wordt de arbeidskaart B zo goed als uitsluitend toegekend aan die bepaalde uitzonderingscategorieën zoals hooggeschoolden en/of werknemers voor knelpuntberoepen.
In 2010 werden er 18.188 arbeidskaarten B toegekend.?

Arbeidskaart C
Bepaalde groepen vreemdelingen die niet specifiek naar ons land zijn gekomen om te werken en die een onzeker en voorlopig verblijfsstatuut hebben, komen tóch in aanmerking om te werken. Het gaat bijvoorbeeld om mensen die naar België komen in het kader van gezinshereniging of asielzoekers die na zes maanden in een asielprocedure nog geen antwoord hebben gekregen op hun aanvraag. Met een arbeidskaart C kunnen ze voor gelijk welk beroep in loondienst bij om het even welke werkgever terecht. Deze werknemers gaan vaak aan de slag met tijdelijke of dagcontracten. Bij beëindiging van het (onzekere of voorlopige) verblijfsrecht, vervalt immers automatisch de geldigheid van de arbeidskaart C en de wettigheid van de tewerkstelling.
In 2010 werden er 11.666 arbeidskaarten C toegekend.

(mo) / Illustratie: Joke Van Camp &nbsp

Meer info over Arbeidsreglement , Seizoensarbeid

26/08/2011