Je bedrijfswagen inruilen? Zo werkt het mobiliteitsbudget

De bedrijfswagen verdwijnt niet, maar wordt alsmaar groener én krijgt wat meer concurrentie. Met het mobiliteitsbudget kiezen werknemers namelijk zelf hoe ze zich verplaatsen. Het systeem wordt voor sommige bedrijven verplicht. Wat betekent dat concreet voor jou?

Zo werkt het mobiliteitsbudget

Het mobiliteitsbudget speelt in op twee recente trends in de wereld en op je werk. Enerzijds die van duurzaamheid en duurzame mobiliteit in het bijzonder (e-auto, fiets, openbaar vervoer: you know). Anderzijds maakt het deel uit van een bredere evolutie naar flexibel verlonen, waarbij werknemers meer inspraak krijgen in hoe hun loonpakket wordt samengesteld.

1. Wat is het mobiliteitsbudget concreet (en hoe hoog is het)?

Het mobiliteitsbudget is een jaarlijks bedrag dat een werkgever aan een werknemer toekent als alternatief voor een bedrijfswagen. Dat bedrag is gelijk aan de zogenaamde Total Cost of Ownership (TCO) van de wagen: de volledige jaarlijkse kost van de bedrijfswagen voor de werkgever, inclusief leasing, verzekering, brandstof en onderhoud.

De overstap is daardoor kostenneutraal voor de werkgever. In plaats van één vaste keuze (die bedrijfswagen), krijgt de werknemer de mogelijkheid om dat budget flexibel in te zetten.

Mobiliteitsbudget wordt verplicht: wat betekent dat voor jou?

Het systeem bestaat uit drie grote pijlers

1. De eerste pijler laat nog altijd een bedrijfswagen toe, op voorwaarde dat die voldoet aan de geldende regels. Vanaf 2026 gaat het voor nieuwe wagens enkel nog om volledig elektrische modellen. Werknemers kiezen daarbij vaak voor een kleinere of goedkopere wagen, zodat er budget overblijft voor andere mobiliteitsoplossingen.

2. De tweede pijler draait rond duurzame mobiliteit en zelfs huisvesting. Werknemers kunnen hun budget gebruiken voor fietsen, steps of andere zachte vervoersmiddelen, maar ook voor het openbaar vervoer of gedeelde mobiliteit zoals deelwagens en taxi’s. In specifieke gevallen kan het budget zelfs ingezet worden voor huur of de afbetaling van een woning, bijvoorbeeld wanneer iemand binnen een straal van 10 km van het werk woont of meer dan 50% van de tijd van thuis uit werkt.

3. De derde pijler voorziet in een uitbetaling in cash van het resterende budget op het einde van het jaar. Dat bedrag wordt wel verminderd met een bijzondere sociale bijdrage van 38,07%, waardoor het netto lager uitvalt dan het brutobedrag.

Gelukkig met wat je verdient?

Uit inzichten van Mbrella, een Brusselse scale-up gespecialiseerd in het beheer van flexibele mobiliteit en dus ook in het mobiliteitsbudget, blijkt dat die flexibiliteit ook effectief benut wordt. “Wij zien werknemers die een kleinere elektrische wagen combineren met een treinabonnement en zelfs de afbetaling van hun woning. Dat was vroeger ondenkbaar met een klassieke bedrijfswagen”, zegt Amaury Gérard, CEO van Mbrella.

Lees ook: Bedrijfswagen wordt schaarser, maar ook groener én duurder

2. Waarvoor gebruiken werknemers het mobiliteitsbudget vandaag?

Hoewel het mobiliteitsbudget oorspronkelijk bedoeld was om minder bedrijfswagens op de Belgische autowegen te hebben, blijkt in de praktijk dat die wagen nog altijd populair blijft. Uit cijfers van Mbrella gebruikt bijna één op de vijf werknemers het budget nog geheel of gedeeltelijk voor een bedrijfswagen.

Maar het profiel van de gebruiker evolueert. “Wie bij de start van het mobiliteitsbudget instapte, had gewoon geen nood aan een auto. Nu zien we steeds meer mensen die kleiner willen rijden en de rest van hun budget anders inzetten”, aldus Amaury Gérard.

Ontdek: De 10 populairste bedrijfswagens van het moment

3. Wordt het mobiliteitsbudget verplicht (en wanneer)?

Vandaag is het mobiliteitsbudget nog een vrijwillig systeem. Werkgevers kiezen zelf of ze het aanbieden als alternatief voor de bedrijfswagen. Maar daar komt verandering in.

De federale ministerraad keurde begin 2026 al een voorontwerp goed. De wetgeving is nog niet definitief, maar de richting is wel duidelijk: bedrijven die al minstens drie jaar bedrijfswagens aanbieden, zullen het mobiliteitsbudget verplicht moeten aanbieden. Bedrijven met minstens 50 werknemers gaan daarin voor, vanaf 1 januari 2027. Kleinere bedrijven met 15 tot 50 werknemers volgen een jaar later. Wie minder dan 15 mensen in dienst heeft, valt buiten die verplichting.

Eén ding blijft sowieso gelden: de werknemer wordt nooit verplicht om zijn bedrijfswagen in te ruilen. De keuze voor het mobiliteitsbudget blijft altijd vrijwillig. Wel zullen werkgevers voor bepaalde functies waarbij (auto)mobiliteit centraal staat, vastleggen dat werknemers kiezen voor een elektrische bedrijfswagen binnen de eerste pijler.

Check: In welke functies heb je de meeste kans op een bedrijfswagen?

4. Wat betekent het mobiliteitsbudget concreet voor werknemers?

Voor werknemers betekent het mobiliteitsbudget vooral meer keuzevrijheid. In plaats van automatisch een bedrijfswagen te krijgen, kunnen ze zelf bepalen hoe ze hun mobiliteit organiseren.

Tegelijk blijft het een systeem met duidelijke regels en voorwaarden, waardoor niet elke besteding zomaar mogelijk is. Al heeft de werkgever ook de touwtjes in handen om het mobiliteitsbudgetbeleid te bepalen, besluit Gérard. “En het dus ook af te stemmen met het mobiliteitsbeleid van de organisatie, zoals met de car policy.”

De populairste keuzes uit jouw cafetariaplan: overzicht

(William Visterin)

Ontvang de nieuwste tips over werk en carrière

Ontvang de nieuwste tips over werk en carrière

Anderen bekeken ook