‘Zorgsector kampt met perceptieprobleem’

“Het is lichamelijk al minder zwaar dan vroeger. Een groot hart hebben, is essentieel.” (Monique Devroey, zorgkundige)
Het zijn uitdagende tijden voor de zorgsector, niet het minst voor de ouderenzorg. Enerzijds stijgt de nood aan zorgkundige profielen door de vergrijzing, anderzijds raken zelfs de bestaande vacatures maar moeilijk ingevuld. Binnen de woonzorgcentra is er een verschuiving van licht zorgbehoevende bewoners naar ouderen met een zwaardere zorgnood. Monique Devroey werkt 27 jaar als zorgkundige en maakte de evolutie van dichtbij mee.
“Het is lichamelijk al minder zwaar dan vroeger. Een groot hart hebben, is essentieel.” (Monique Devroey, zorgkundige)

Monique (45) viert dit jaar haar tienjarig werkjubileum in woonzorgcentrum (WZC) Ter Vlierbeke in Kessel-Lo. Als zorgkundige stelt ze, samen met haar collega’s, alles in het werk om het de negentig bewoners naar hun zin te maken. “Mensen op een gezellige, familiale manier benaderen en ervoor zorgen dat ze zich comfortabel voelen: dat is mijn doel. Gedreven zijn en een groot hart hebben, zijn daarbij essentieel.”

De mindere kanten van de job neemt Monique er graag bij. “Het is lichamelijk al minder zwaar dan vroeger. Er zijn nu allerhande technische hulpmiddelen om ons werk te verlichten, zoals een lift of een comfortband om mensen die niet langer mobiel zijn van plaats A naar B te tillen. Minder hijswerk voor het personeel, dus minder rugklachten. Ook de bewoners ervaren minder pijn.”

Mondige ouderen

Die hulpmiddelen zijn geen overbodige luxe, want het zorgprofiel van de bewoners is de laatste jaren sterk verzwaard. “Mensen die hun oude dag in een woonzorgcentrum doorbrengen, dat is er niet meer bij. Dankzij de uitbreiding van zorgdiensten op het veld, zoals de poetsdienst en gezinszorg, kunnen ouderen langer thuisblijven. Pas wanneer zelfstandig wonen echt niet meer mogelijk is, komen ze naar hier.”

Een andere reden voor de latere instroom, zijn de kosten. Het dagtarief voor een verblijf in een woonzorgcentrum is de afgelopen decennia sterk gestegen. “Daar durven bewoners al eens een snedige opmerking over te maken. ‘Wij betalen hier toch genoeg, zeker?’, klinkt het dan. Ja, er is wel een mentaliteitsshift: ouderen zijn een stuk mondiger en ook bewuster dan vroeger.” Veel reden tot klagen is er schijnbaar niet. De bewoners van WZC Ter Vlierbeke resideren in een modern gebouw dat grenst aan park Heuvelhof. Ontspanningsmomenten zijn legio: zingen op donderdagnamiddag, bingo à volonté en elke twee weken op uitstap met de bus voor een uitgebreide lunch.

Meer inspraak dan vroeger

Monique voelt zich erg geapprecieerd door de bewoners én leidinggevenden. “Er wordt moeite gedaan om de job werkbaarder te maken. De onderbroken shifts, waarbij je ’s morgens moet werken, enkele uren naar huis mag en dan weer paraat moet staan, zijn er veelal tussenuit gehaald.”

Wat haar persoonlijk erg motiveert, zijn de werkgroepen. “Daarin kunnen we zelf aandachtspunten communiceren, vragen stellen, suggesties doen. Ook bij het nieuwe werkuniform werd om onze input gevraagd. Geen zak meer, maar mooi gecentreerd (lacht).”

De dankbaarheid van de bewoners is de grootste drijfveer. “Iedereen verdient evenveel tijd, maar met sommige mensen bouw je toch een speciale band op.” Als de mensen je zo nauw aan het hart liggen, valt het afscheid dan soms zwaar? “Ik probeer het altijd te verdoezelen, maar er is wel een gemis. Tot er weer een nieuwe focus is waardoor ik het van me af kan zetten.”

Nood aan extra personeel

Op de vraag met welke uitdagingen ze worstelt binnen haar job, antwoordt Monique dat het tijdgebrek haar soms dwarszit. “Ze willen dat we steeds meer doen met minder werkvolk, maar ze vergeten dat het om mensen gaat. Het moet dus menselijk blijven. Af en toe eens een gesprekje voeren met familieleden bijvoorbeeld, zou niet te veel mogen zijn.”

Er moeten dus meer vacatures worden uitgeschreven, maar de bestaande geraken al moeilijk ingevuld. “Het is voornamelijk een perceptieprobleem. Vanuit de opleidingen worden studenten meer geduwd richting de ziekenhuizen, want de zorg die ze daar verlenen is technischer en wordt daardoor als hoogstaander beschouwd. De ouderenzorg heeft nochtans een sterk voordeel: hier kun je echt een relatie opbouwen met de bewoners. Dat geeft toch extra voldoening, denk ik.”

(kc) 

Monique Devroey
Danny Geutjens, directeur van WZC Ter Vlierbeke, bevestigt dat de tijdsdruk groot is. “De zorgschaal waarop de subsidiëring is gebaseerd, meet hoofdzakelijk de fysieke zorgnood. Vandaag resideren er in de woonzorgcentra echter steeds meer psychiatrische profielen. Die zijn er vaak lichamelijk wel goed aan toe, maar vragen toch erg veel aandacht. Er is nood aan personeel om die extra tijdsinvestering op te vangen.” 19 mei 2017
Anderen bekeken ook