Van burn-out naar bore-out: trap niet in de val

bore-out

Een burn-out meemaken is geen pretje. Ook al ben je hersteld, het is niet iets wat je gauw vergeet. Je doet er dan ook alles aan om het nooit meer te hoeven meemaken. Een gezonde instelling toch? Of kan je daar ook te ver in gaan?

“Vele mensen hebben de neiging om van het ene uiterste naar het andere te gaan. Dit merk je vaak in loopbaancoachtrajecten”, vertelt Silvia Derom, professioneel loopbaan- en ondernemerscoach. “Klassiek worden hier interesses, talenten en drijfveren verkend. Hier en daar duikt al eens een oude passie of interesse terug op. Het enthousiasme dat onder een berg angst en/of bezorgdheid bedolven zat, is dan plots weer zichtbaar.”

“En daar schrikken veel mensen van. Hun enthousiaste, gedreven zelf is namelijk dezelfde persoon die nietsvermoedend in de burn-out valkuil is gewandeld. Reden genoeg dus om op de rem te gaan staan!” Het resultaat is dat mensen op dat moment hun talenten gaan schuwen. ‘Zich rustig houden’ evolueert dan niet zelden in (chronische) verveling, of bore-out.

Wat kan je dan wél doen? 

1. Verken en erken jouw bezorgdheid

Merk je dat je op de rem gaat staan? Kijk dan naar wat er precies aan de hand is. Ben je inderdaad bang of bezorgd dat het de verkeerde richting zou uitgaan? Prima, dit is op zich een gezonde beschermingsreflex. Maar laat het jou niet verlammen.

Hoe kan je stappen zetten in wat je enthousiasmeert, nieuwsgierig maakt én tegelijkertijd bewaken dat je ook voldoende rust- en herstelmomenten inbouwt? Dat is een veel constructievere vraag.

2. Weet wat je optimale energiepeil is

Frouke Vermeulen, auteur van ‘Vechten tegen verveling’ spreekt over een onderscheid tussen prikkelintensiteit en prikkelkwaliteit. Het eerste heeft te maken met de hoeveelheid prikkels die je op een dag ervaart. Zijn het er te weinig? Dan treedt verveling op. Zijn het er teveel? Dan kan je overprikkeld geraken en is herstel nodig. Het tweede heeft te maken met de inhoud van de activiteiten die je onderneemt. Sluit dit aan bij jouw talenten, bij de dingen waarvan je energie krijgt? Dan kan je spreken van een hoge prikkelkwaliteit.

Waar het bij de prikkelintensiteit aankomt op 'niet te veel, niet te weinig', geldt bij prikkelkwaliteit de 'hier kan je niet in overdrijven' regel. “Waar mensen meestal bang van zijn, is dat de prikkelintensiteit weer te grote proporties aanneemt”, verklaart Derom. “Hierbij zien ze de prikkelkwaliteit soms verkeerdelijk ook als boosdoener, denk aan uitspraken genre ‘Ik wil niet meer met mensen werken, want dan ga ik daar te ver in’. Het is van vitaal belang dat je de activiteiten die jou enthousiast maken juist niet gaat schuwen. Het zijn net deze activiteiten die jouw batterijen opladen. Zie het als een energiereserve die maakt dat je extra veerkracht hebt als je dan al een keer teveel prikkels te verduren krijgt.”

3. Ken je talenten

Om met de vorige tip aan de slag te kunnen, is het natuurlijk handig om zicht te hebben op wat jouw talenten precies zijn. Je kan hier op verschillende manieren mee aan de slag. Een paar suggesties:

  • Start gedurende minimum 3 weken een logboek en noteer van welke activiteiten je energie krijgt, wanneer je de tijd uit het oog verliest enzovoort. Na een week kijk je telkens even terug en probeer je patronen te detecteren.
  • Lees het boek ‘Stop burn-out’ van Luk Dewulf.
  • Zoek een loopbaancoach die ook bedreven is in het voeren van talentgesprekken. Zoek iemand die een onderscheid maakt tussen talenten (je laadt jouw batterij op) en competenties die geen talenten zijn (je kan het goed, maar wordt er zelf niet blij van).

4. Gun jezelf wat speeltijd

Probeer wat dingen uit vooraleer je echte engagementen aangaat. Geef jezelf de tijd om te ondervinden of iets werkt en in welke proporties je iets best tot jezelf neemt. Zo kom je ook jouw bezorgdheid tegemoet: blijkt het geen goede piste te zijn, dan kan je nog altijd terug. Maar meestal komt het hierop neer: je geeft jezelf de kans om terug te ervaren wat het is om op te gaan in een activiteit, betrokken te zijn én tegelijkertijd energie te krijgen.

5. Rusten doe je op jouw manier!

Wellicht heb je tijdens je burn-out bergen goedbedoeld advies gekregen. Je ‘moet’ rusten, je ‘moet’ gaan wandelen, dergelijke standaardadviezen. Het probleem met zulke raad is dat ze inderdaad standaard zijn. Niet perse op jouw maat dus. Rusten en recupereren doet niet iedereen door in de zetel te liggen. Gaan wandelen is niet voor iedereen de meest prettige vorm van 'aan beweging doen'.

Ga eens na waar jij van recupereert. Ook hier kan je weer gaan kijken naar jouw talenten: laad jij jezelf op door een boek te lezen, of naar een lezing te gaan luisteren? Of is met jouw handen bezig zijn, bijvoorbeeld in de tuin, een activiteit waarbij je de tijd uit het oog verliest? Zet dan vooral op die dingen in. Waar jij vooral nood aan hebt, is minder ‘moeten’!

6. Zie vermoeidheid niet perse als een slecht teken

Het valt niet altijd haarfijn uit te leggen en toch snappen de meeste mensen wel wat je bedoelt als je zegt dat er een goede vermoeidheid bestaat en een slechte vermoeidheid. Misschien valt de goede versie wel nog het best te omschrijven als ‘moe maar voldaan’.

Als er gepraat wordt over activiteiten die je energie opleveren, wordt hier dus vooral mentale energie mee bedoeld. En die kan je ook voelen als je uitgeteld in je zetel neerploft na een dagje klussen op de school van je kind bijvoorbeeld.

7. Het is vaak meer dan werk alleen

Om even terug te gaan naar het optimale energieniveau van daarnet: prikkels zijn alle dingen die tot jou komen op een dag, en daar horen dus ook bijvoorbeeld voeding en omgevingsfactoren bij. Ben je bang om overprikkeld te worden, breng dan eens alles in kaart. In wat soort omgeving vertoef je? Woon je in een drukke buurt, heb je een huis vol drukke kinderen of staat de tv vaak op?

Voor alle duidelijkheid: deze factoren zijn niet perse problematisch (noch altijd te controleren), maar ze maken wel deel uit van het geheel. Ook jouw voeding en slaapkwaliteit zijn hier van groot belang. Veel suikers nuttigen of veel koffie drinken zijn evengoed factoren die jouw lichaam een zekere stress bezorgen. De boodschap luidt: maak hier geen obsessie van, maar breng het gewoon mee in rekening wanneer je op zoek gaat naar jouw ideale prikkelniveau.

(sd) 

Silvia Derom is professioneel coach en trainer bij Kessels & Smit, The Learning Company, een netwerk van professionals met een passie voor leren en ontwikkeling. Mensen met een breed interesseveld (creatieve generalisten) zijn Silvia's specialiteit. Meer info: www.creatievegeneralist.be en Kessels-smit.com. Kessels & Smit is een door de VDAB erkend loopbaancentrum.  

Meer info over Stress , Workaholics , Gezondheid

19/05/2017